Essay

Hitsige hits

Door Floris Dogterom
9 september 2010


Nederlanders en sexplaatjes: het blijft behelpen. Zou onze taal er gewoonweg niet geschikt voor zijn? Het enige goede Nederlandstalige nummertje op dit gebied – voor zover ik weet – is de single ‘Sex’ van The Scene, uit 1986. Verder wordt in het Nederlandstalige sexlied het zaakje altijd in het humoristische, ja zelfs boertige getrokken. Johnny Hoes, platenbaas en koning van het Nederlandstalige lied, riep er in de jaren zestig zelfs een apart label voor in het leven: O jee.
Need I say more? Ik bedoel: het Franse oh la la, wat altijd wordt geassocieerd met pikanterietjes, is al zo lullig.

De Ojee polonaise

Speciaal voor de Hitsige Optimist: een top 3 met hitsige hits van Hollandse bodem.

1. Gerard Cox – ‘Zo’n lekkere strakke blonde meid op een racefiets’

Na zijn megahit ‘’t Is weer voorbij die mooie zomer’ had Gerard Cox het gedaan bij de culturele elite. Wie daar precies toe behoren is onderwerp van nadere studie. Ze wonen volgens Cox in ieder geval in Amsterdam.
Vóór dat zomerse niemendalletje stond de ras-Rotterdammer Cox bekend om zijn maatschappijkritische cabaret. Met het gezelschap Lurelei (met onder andere Jasperina de Jong) maakte hij in 1966 omstreden nummers als ‘God is niet dood’ en ‘Arme ouwe’ (over koningin Juliana). Het leverde hem een proces op wegens majesteitsschennis. Het christelijke, gezagsgetrouwe Nederland sprak er schande van.Maar na ’t Is weer voorbij die mooie zomer (1973) kwam de kritiek opeens van links. Kabaret Ivo de Wijs pakte Cox hard aan in Pak de poen, ome Gerard:

Dat was toen, ome Gerard
Elk seizoen, ome Gerard
Kwam jij met een nieuwe zure scheut citroen, ome Gerard
Nu zing je eikelige liedjes van de zomer en de mei
Wel, die zomer is wat ons betreft voorbij

En daar is Cox mee door gegaan, met het zingen van eikelige liedjes. Deze single uit 1987 is daar een prettig voorbeeld van. Titel en hoesfoto verraden al waar het nummer naar toe gaat, maar Cox heeft nog een paar tekstuele verrassingen van formaat in huis:

Over ‘t stuur gebogen,
Komt ze langs me heen gevlogen
De haren in de wind, een gouden vlag
En hooghartig, als van adel
Deint de perzik boven ’t zadel
Ze rammelt aan m’n vuur, ze maakt m’n dag

Gerard Cox – Zo’n lekkere strakke blonde meid op ‘n racefiets

Ja, lees dat nog maar ’s een keertje. De ene onzinnige metafoor na de andere en een gratis anglicisme om het af te maken. Cox desgevraagd: “Als ik zing over ‘een lekkere strakke blonde meid op een racefiets’ zeggen ze: dat is vrouwonvriendelijk. Vrouwonvriendelijk! Maar wel George Michael met I want your sex op nummer één zetten compleet met videoclip met jarretels. Trouwens heerlijk hoor.” (Circuit, 1991).

2. Kreukel – ‘Dingetje om je ding’

 

De belangrijkste vraag bij deze parel aan de kroon van mijn singeltjescollectie moet wel luiden: waarom? En bij uitbreiding: waarom heeft niemand deze man tegen zichzelf in bescherming genomen?
Wat hier aan de hand is, is niet helemaal helder. In eerste instantie lijkt het op het pikante lied, zoals de bijdrage van Slome Japie in deze top 3. In beide nummers gaat het, bij de een wat meer verhuld dan bij de ander, over sex.
Maar Kreukel heeft een andere agenda. Deze rasartiest propageert niets meer of minder dan geslachtsziektepreventie en geboortebeperking. In enigszins versluierde bewoordingen, dat wel, maar een goede verstaander heeft hieraan natuurlijk wel genoeg:

Dingetje d’r uit, dingetje d’r op
Dingetje aan, dingetje hop
Lekker veilig vrijen met zo’n reddingsring
Ding d’r in, dingetje d’r om
Dingetje gaan, dingetje kom
Doe vooral toch zo een dingetje om je ding
Ding ding ding ding

Kreukel – Dingetje om je ding

Bij de laatste regel raakten de rijmwoorden blijkbaar op.
En dan de man zelf. Ik weet niet hoor, maar als je dan toch de mensheid aan de preservatieven wilt helpen middels een olijk liedje, waarom dan in godsnaam Kreukel ingehuurd? Die bril! Die snor! Die trui! Ik denk dat deze hoesfoto van Kreukel zélf het beste voorbehoedsmiddel is. Zet ‘m naast je bed en elke aandrang tot verstrengeling verdwijnt subiet.
Over Kreukel zelf is niets te vinden. Afgaande op de foto is het een nummertje uit de jaren ’80. Beetje lastig googelen ook, Kreukel. ‘Kreukel’ plus ‘zanger’ levert 2000 onbruikbare hits op. ‘Dingetje om je ding’ verwijst alleen naar zichzelf. Compositie en tekst zijn blijkens het label van ene R.G. Meyer (Kreukel zelf?) en het arrangement is van J. v.d. Ven. En dat kunnen an sich natuurlijk ook weer artiestennamen zijn. Heette de slagerij in Het dorp van Wim Sonneveld ook niet J. v.d. Ven?
Was Kreukel een one hit wonder? Was dit z’n werk of meer een hobby? Waar is hij nu? Vragen, vragen, en de antwoorden die zijn er niet. Maar sommige dingen moet je misschien ook niet willen weten.

(
Twee maanden nadat ik deze tekst op mijn blog plaatste, reageerde ene Aart de Gruiter. Artiestennaam: Kreukel. Kreukel zei onder meer: “De personen die dit artikel hebben geplaatst en gereageerd hebben die weten totaal de achtergrond niet en gissen maar wat raak. Ik zal u uit de droom helpen; ik had in de jaren 80 een café in Middelburg op de Pottenmarkt/hoek Langeviele, de naam van het café; “Cafe de Kreukel” misschien begrijpt u nu waarom ik toen deze ( artiestennaam) voerde.” De rest van zijn reactie staat hier. Overigens doet De Gruiter helemaal niet moeilijk dat ik hem nogal zat af te zeiken. Sportieve kerel.)

3. Slome Japie -‘Ik heb mijn hart op Katendrecht verloren’


Wie of wat schetste mijn verbazing bij lezing van het artikel ‘Pinda! Pinda! Lekka! Lekka!’ Honderd jaar Chinezen in liedteksten in dit nummer van Onze Taal met als thema ‘Het Chinees’? Niet een, maar zelfs twee van mijn singeltjes hun hoesjes stonden erin afgedrukt. Van De Chinees doet veel meer met vlees van De Butlers, al eens besproken op mijn singletjesblog Seven Inch Mania, vond ik dat niet zo vreemd. Maar wat had Slome Japie met Chinees van doen?
Het antwoord schuilt in de tekst, geschreven door de verder onvolprezen Drs. P. Japie gaat eerst Chinees eten, met sambal. Daar raakt hij dusdanig van opgefokt dat hij, niet begrijpende waar hij eigenlijk mee bezig is, naar de hoeren gaat. Daar krijgt hij spijt van en het eind van het liedje is dat hij nooit meer nasi of bami wil eten.
Raar verhaal. Maar het verklaart wel waarom dit nummertje op het OJEE-label verscheen (let in dit verband ook op de cover). Het was de tijd van de zogenaamde pikante liedjes, toen pikant nog geassocieerd werd met lingerie met kanten frutsels, en niet, zoals tegenwoordig, met pittig eten of een opmerkelijk feit.
Andere voorbeelden van het pikante lied zijn Tante Mien, mag ik je poesje even zien van Sjakie Schram en Puntje dr’in, puntje dr’uit! van De Slijpers. Waarin een klein land groot kan zijn. Overigens vond het publiek in 1965 het prachtig. Ik heb m’n hart op Katendrecht verloren haalde een 14e plek in de top 40.

Slome Japie was het pseudoniem van Jaap Valkhoff, een accordeonist-zanger die in zijn 70 jaar omspannende carrière een onwaarschijnlijke productiviteit aan de dag gelegd heeft, getuige deze uitgebreide, voorbeeldig gedocumenteerde website, die een van zijn zoons ter ere van zijn in 1992 overleden vader heeft opgezet.
De website leert ook dat er in de oorlog gewoon werd doorgespeeld. Met het orkest van Carlo Carcassola nam Valkhoff plaatjes op als Roemeensche zigeunermelodieën. En dat terwijl zigeuners zich bij de Duitse bezetting toch op weinig populariteit konden beroepen. Misschien school er, zoals in iedere vaderlander, ook in Valkhoff wel iets van een verzetsheld; hij werd ook een keer bij de Kulturkammer ontboden, omdat hij een nummer had gecomponeerd dat te ‘negroidisch’ klonk.
Valkhoff is ook de auteur van de nederklassieker Diep in mijn hart, dat door talloze artiesten, onder wie Herman Brood in de documentaire film Rock ‘n roll junkie, is vertolkt.

Geinig detail: blijkens het stickertje op het hoesje is het plaatje ooit gekocht bij radio-televisie Meibergen aan de Oranjestraat in Almelo, tel. 2128. Bestaat nog steeds, met een iets langer telefoonnummer.

Beste tekstregels (vanwege ‘verschoning’):

Ik zei: heel graag, en stapte in haar woning
Maar er is iets wat ik maar niet begreep

Want in een wip stond ik in m’n verschoning

Terwijl ze mij flink in m’n armen kneep

Slome Japie – Ik heb m’n hart op Katendrecht verloren

Drs. P schreef zijn tekst op de melodie van het oude Duitse nummer Ich hab mein Herz in Heidelberg verloren, van componist Friedrich Raimund Vesely.

Op mijn blog Seven Inch Mania besteed ik onregelmatig aandacht aan het slechtere (Nederlandstalige) lied. Daar zitten ook deze drie pareltjes tussen. Mocht u na beluistering en ondanks mijn waarschuwing tóch serieuze aandrang tot copulatieve actie gevoelen, dan lijkt het raadzaam om een deskundige te raadplegen.

Lees meer van

Pulpplaatjes

Door Floris Dogterom

Bestaat er zoiets als pulpmuziek? De term ‘pulp’ heeft toch voornamelijk betrekking op literaire producten, film en toneel, zegt Van Dale, die aldus voortdefinieert: ‘iets van waardeloze kitscherige kwaliteit, iets banaals, afgestemd op een weinig kritisch publiek’. Dat helpt. Laat je die definitie los op popmuziek, dan valt volgens de kritische zeiksnor 90 procent van […]

Lees meer uit de categorie Essay

Jubelen

Door Roos van Rijswijk

Schrijver Roos van Rijswijk geeft zich over aan een krekelcatharsis. ‘Wat je hoort,’ zegt een Amerikaans enthousiaste vrouwenstem, ‘is een opname van krekelgeluiden. Er zijn twee tracks, één wordt op normale snelheid afgespeeld, de ander is vertraagd. Krekels hebben een kortere levensduur dan mensen. Hun geluiden zijn vertraagd naar het equivalent van de menselijke levensverwachting.’ […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper