Essay

Waar ging het mis, Dimitri?

Door Maarten van Riel
5 oktober 2010

Dimitri Verhulst (1972), mijn literaire held der zuiderburen, schreef een nieuwe roman getiteld De laatste liefde van mijn moeder. De Groene Amsterdammer, Het Parool en de Volkskrant waren weinig enthousiast over het nieuwe boek. En dat is opvallend, want Verhulst is een gevierd schrijver die in 2009 de Libris Literatuur Prijs won voor Godverdomse dagen op een godverdomse bol. Dus rijst de vraag: waar ging het mis, Dimitri?

Wat er aan vooraf ging
‘Godverdomse dagen
is geen boek dat je zomaar naast je neerlegt. Verhulst laat op een bijzonder geestige manier geen spaander heel van de mensheid. Zijn formuleringen zijn wonderlijk, maar altijd welluidend, met evenveel dialectische als zelfverzonnen woorden.’ Zomaar een fragment uit het juryrapport van de Libris Literatuur Prijs, dat als een onvervalste lofzang klinkt. En terecht. Het boek beschrijft de geschiedenis van de mensheid (`t) in minder dan tweehonderd pagina`s, het blinkt uit in originaliteit en er wordt, zeker voor hedendaagse begrippen, een ongekende vertelkunst geëtaleerd alsof het kinderspel is.

Nooit meer oorlog, of op uw bakkes.
Maar `t zingt niet. De prijs van een zak patatten is vervijftienvoudigd, `t moet stevige benen hebben om aan te schuiven in de lange rijen voor een kommetje volkssoep van de overheid. Alle paarden zijn overhoop gebombardeerd met achttienponders of heimelijk geslacht, de karren worden voortaan getrokken door de weinige koeien die nog niet zijn opgeëist.
`t Zou nu weer de fabriek in willen, maar ze staat niet meer overeind.
Begrafenisondernemer is een schone stiel.
En de bevolkingsteller, die staat, ding dong, ding dong, op twee miljard. `t Verstaat er niks meer van. Waar blijft dat volk toch vandaan komen? Alsof `t daarnet met elkaar in één groot beddenbak heeft liggen vozen.”

Het boek staat in verschillende opzichten haaks op het boek dat hij in 2006 schreef en waarmee hij zijn naam definitief vestigde in het land der letteren: De helaasheid der dingen. Een tragikomische terugblik op Verhulst`s eigen jeugd met Vlaanderen als onovertroffen decor van treurigheid. Het aandoenlijke verhaal met ‘Jamberiaanse’ taferelen deed mijn voorliefde voor dit deel van het versnipperende België verder aanwakkeren. De helaasheid der dingen smaakte naar meer en bracht mij bij de parel uit Verhulst`s oeuvre; Mevrouw Verona daalt de heuvel af. Hoewel het verhaal amper 100 pagina`s telt maakt de sprookjesachtige vertelling indruk. Verhulst toont zijn tedere kant door op ontroerende wijze de lijdensweg van mevrouw Verona te vertellen in een fabelachtig dorp waar een koe tot burgemeester wordt benoemd….

Keren we terug naar die koude februaridag, dan zien we Mevrouw Verona nog steeds beneden in de vallei, gezeten op een bankje dat de gemeente daar ten behoeve van uitgeputte wandelaars had geplaatst, de hond in blind vertrouwen aan haar voeten. De sneeuw is begonnen de wereld te witten, een oefening in verdwijnen. Want alle wat zich nu gewillig laat bedekken door dat wit zal ze nooit meer terugzien.”

Een groots verteltalent dus, die Dimitri. Maar zelfs mijn voorliefde voor zijn boeken en de vooringenomen mening die daaruit voortkomt, konden niet verbloemen dat ook ik zijn nieuwste vertelling geen apotheose van het nieuwe literaire seizoen vind.

Waar het mis ging.
Laat ik beginnen met wat er wel positief is aan De laatste liefde van mijn moeder. Ten eerste: het decor. Vlaanderen in de mythische jaren tachtig toen de wereld nog in Koude Oorlog was, McDonald’s nog een restaurant was en een vakantie naar `t Zwarte Woud nog een zomervakantie heette. Ten tweede: de karakters. Jimmy, zijn moeder Martine Withofs en haar nieuwe (zevenentwintigjarige) vlam Wannes worden evenwichtig geportretteerd. En als laatste: de schrijfstijl….

“Alsof zijn sluitspier was opgelost in runderbouillon gutste waterachtige drab uit hem, gevolgd door pijnlijke momenten waarop hij aandrang voelde om nog meer stoelgang te maken maar waarop gewoon niks mee kwam. Kokhalzen met de anus, met dat beeld moest het gevoel aan een huisarts te beschrijven zijn. […] De sla, dat is waar, die was een beetje tegengevallen en ervaren reizigers beaamden dat: Duitsers konden geen salades bereiden! Bizar genoeg bleven ze het koppig proberen en schotelde de restaurants je `r altijd een bord van voor. Verbazend voor een volk dat ooit voor een vegetariër de rechterarm had gestrekt.”

Humor en Dimitri zijn onafscheidelijk, maar in dit boek grossiert hij er duidelijk niet in. Dat is natuurlijk geen reden om het teleurstellend te vinden. Veel meer komt die constatering voort uit de lengte van het boek. Het boek telt 230 pagina’s, en om een dergelijk aantal blaadjes te vullen moet Dimitri wel een grandioos verhaal te vertellen hebben gezien het feit dat hij de geschiedenis van `t mensdom op minder dan 200 pagina’s uiteenzette. Het verhaal is, mede door de lengte, te lang stuurloos. De lezer weet eigenlijk niet zo goed waar de vakantie naar het Zwarte Woud van het nieuwbakken familie Withofs toe zal leiden. Om het verhaal meer body te geven (alsof Verhulst 230 pagina`s vol moest lullen) passeren zeer regelmatig lange opsommingen. Evenwel een kenmerk van Dimitri, maar, u raadt het al, het zijn er te veel. Voorbeeld:

“Haar hele karakter was gebouwd op schaamte. Schaamte om haar afkomst, haar kleurloosheid, om haar zielenpoten van ouders, om haar diploma naad en snit, om haar miezerige baantjes, om haar zuipende echtgenoot, haar ongewenste kind, haar kop vol builen en blutsen, haar stukgeslagen meubilair, haar uitdijende lichaam, de treurige huurhuisjes die ze zich maar net kon veroorloven, de muizen die daar introkken…”

Hier, op pagina 32, staat iets dat eigenlijk de rode draad van het verhaal zou kunnen vormen. Jimmy is ongewenst. Deze constatering komt verder niet aan bod. Er is vooral aandacht voor het nieuwe geluk van Martine – die gewoon lijkt te houden van haar kind. Dat Wannes Jimmy als een bastaard ziet is overduidelijk. Dimitri laat hem dan ook groeien in zijn rol als beul. Wanneer blijkt dat Wannes zijn ‘tweedehands’ Martine heeft bezwangerd ziet hij zijn kans schoon om de bastaard kwijt te raken. Martine en haar ware levensgeluk – ze heeft van Wannes een parfum gekregen – kiest voor de vader van haar liefdesbaby. Bij terugkomst van vakantie wordt de elfjarige Jimmy op straat gezet en met een koffertje naar zijn zuipende vader gestuurd.  Een zuipende papa en een jong jochie, dat brengt ons bij De helaasheid der dingen… Maar is Martine dan de moeder van Dimitri Verhulst? Neen, beweert de auteur zelf. Er zijn wel gelijkenissen, maar die zijn onoverkomelijk in de literatuur – dat is immers een afspiegeling van de werkelijkheid. De laatste liefde van mijn moeder is dus eigenlijk de roman die voorafgaat aan De helaasheid der dingen. Maar gezien het enorme succes van Godverdomse dagen is het een vreemde keuze om weer over die vergalde jeugd te beginnen (Dimitri zelf over die keuze: ‘Als ik slim was geweest, had ik er tien jaar mee gewacht. Maar ik ben niet slim. Ik dacht: ik heb stilistisch en mentaal de maturiteit bereikt om dit boek nu te schrijven.’). Commercieel gezien is het natuurlijk een gouden zet. Veel lezers hebben goede herinneringen aan de perikelen in Reetveerdegem (denk aan het Tour de France drankspel van nonkel Potrel), door het boek of de verfilming ervan. Maar u bent gewaarschuwd: de jaren die daar aan voorafgingen waren weinig spectaculair en de vertelling is langdradig.

Een boek kan tegenvallen, dat is niet meer dan menselijk. Er zijn maar weinig schrijvers die de recensenten tot constante lofzangen weten te dwingen. Dat de recensenten onverbiddelijk zijn nadat je een literaire prijs hebt gewonnen, is niet meer dan logisch. Maar misschien zijn we dit keer wat te hard voor de betreffende schrijver. Godverdomse dagen is een compleet ander boek dan De laatste liefde van mijn moeder, en ik heb dan ook het sterke vermoeden dat er een therapeutische werking van uitgaat. Even voor de goede orde, het is geen slecht boek – al is dat belachelijke parfumflesje op de cover wel een gruwel – maar Dimitri kan veel beter (zoals Het Parool al schreef). Hebt u het boek toch gelezen en wilt u de nare smaak wegspoelen, dan raad ik Mevrouw Verona aan. En als die honderd pagina`s u niet hebben kunnen bevredigen, dan is Problemski Hotel ook een zeer aandoenlijke en confronterende vertelling waarin Dimitri vlijmscherpe observaties doet in een asielzoekerscentrum te Arendonk. Ondertussen wacht ik geduldig op zijn nieuwe boek en troost mij met de gedachte dat het De laatste liefde zal overtreffen. Dat mag geen moeilijke opgave heten….

Lees meer van

Gewijvengezeik

Door Maarten van Riel

Tekst: Maarten van Riel In de vorige eeuw waren Céline, Nabokov, Grass, Hilsenrath, Camus en Gogol niet meer dan onbekende namen voor mij. Op de boekenplank boven mijn bed prijkten slechts vijftien boeken die mijn goedkeuring konden wegdragen – hoofdzakelijk omdat ze gevuld waren met vieze praat. Uiteraard behoorden de boeken van Ronald Giphart (1965) […]

Lees meer uit de categorie Essay

Instagraf. Duister toerisme in Krakau

Door Richard Jongeneelen

Waar de dood heilig is, gebeurt online shaming al snel. De Duitse satiricus Shahak Shapira bestrafte happy tieners bij het Berlijnse Holocaustmonument, door van hun selfies wrange Auschwitzcollages te maken. Met YOLOCAUST ontrafelde hij zo de grenzen van toerisme, maar zei ook: ‘Fout. Mag je niet doen.’ Krakau heeft ook zo’n plek: het Plein van […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper