Essay

Alle utopieën zijn van gisteren

Door Harold Schellinx
10 maart 2011

De tekst is opgedragen aan de Franse bassist Jean Bordé, ‘contrebassiste militant de l’improvisation libre’ (aldus Jazz Magazine). De beschrijving is die van de eerste minuten van een optreden in Parijs van het Frans-Nederlandse kwartet DIKTAT.

Ik kruiste mijn armen en keek afwachtend naar de man met de contrabas.
Het was doodstil in de smalle, donkere kelder. De bassist staarde langs de snaren van zijn instrument omlaag naar de grijze stenen vloer, zijn hoofd genegen.
Eén … twee … drie … vier…. vijf, telde ik binnensmonds.
Vijf.
Het waren er vijf.
Het was een bas met vijf snaren.
Uit de verte klonk gedempt een laag elektrisch zoemen. Misschien was het de ohm van het concert, maar het leek eerder toch het gebrom van een koelkast of een airco. Het leidde tot wat opgewonden geschuifel en steeds was er nu weer iemand die kuchte. Bij elk van die geluidjes keek de muzikant even op, maar dat had niets verstoords.
Hij wachtte.

Alle begin is moeilijk, fluisterde een meisje in mijn oor.

Dat is niet waar, vond ik.
Integendeel.
Beginnen is een makkie.
Moeilijk wordt het pas als het al begonnen is.

De bassist trok zijn bas iets rechter en dichter tussen zijn knieën in. Toen sloeg hij een been over de rechterschouder van het instrument. Hij klopte met de hak van zijn schoen tegen de kast. Er klonk een hard gesis, als dat van tussen tanden. De basman knikte. Hij hield de strijkstok tussen duim en wijsvinger terwijl hij met de toppen van zijn andere vingers even langs zijn voorhoofd streek.

Ik wou dat het nou eindelijk eens begon, zuchtte het meisje.

De muzikant trok zijn been weer van de schouder van de bas af en schoof het instrument een paar keer op en neer, met de linkerhand stevig om de hals geklemd. De pen schraapte knersend over de vloer, om steun te vinden. Daarna legde hij de strijkstok languit op de palm van zijn rechterhand. Die strijkstok had een Duitse slof, hoger dan de Franse. Er is meer ruimte tussen boog en beharing. Je houdt hem met gedraaide hand, ondersteboven eigenlijk. Een Fransman die strijkt met een Duitse slof, dat zie je niet zo vaak.

Beginnen, zei het meisje.

Ze deed wat passen voorwaarts. Rondom haar steeg instemmend een blikkerig gemompel op, laag, hoog en in vele talen. Het klonk wat droogjes. Galmen deed de ruimte niet, daarvoor stonden er teveel mensen. Het meisje tikte een paar keer met haar hakken op de stenen van de vloer. Bij de laatste tik stopte met een korte metalen ratel ook het zachte elektrische gezoem. Zie je wel, dacht ik, dat die ohm het geluid van een koelkast was?

De basman streek met zijn duim langs de haren van de strijkstok. Die was net verhaard. Met paardenhaar. Zwart paardenhaar. Maar was het haar van een hengst? Of was het haar van een merrie? Ik deed ook een paar passen naar voren toe en stond nu vlak voor de bassist. Ik keek hem vragend aan.
De basman glimlachte bemoedigend en zijn lippen bewogen, geluidloos.
Hij bewoog ze nog een keer.
En nog eens.

Uit de luidsprekers klonk hard en rollend een vertraagde knal. Een vlaggentouw ranselde ritmisch het hout van een mastpaal, begeleid door het ruisende geritsel van blaadjes. Het was een wind die eerst nog zachtjes zuchtend opsteeg, maar die al snel met veel krikken en kraken als een herfststorm aan het blazen sloeg.

De bassist streek een lange harde grom, dwars over alle open snaren heen, en bewoog zijn lippen weer.
Ik verstond nu wat hij zei.
Merrie zei de basman.
Merrie zei hij harder.
Met de wind mee riep hij Merrie.

DIKTAT’s ‘Hollywood (Most)’ werd live opgenomen in Le CLeUB in Parijs (destijds in de rue des Bluets, in het 11e arrondissement), op zaterdag 15 november 2008.
Diktat_Hollywood

Lees meer uit de categorie Essay

De GelegenheidsOptimist

Door Vincent Bakkum

Met ‘De GelegenheidsOptimist’ bieden wij een podium aan schrijvers, columnisten en bloggers die wij goed vinden; schrijvers met een originele, optimistische invalshoek. Deze week vertelt schrijver (en illustrator!) Vincent Bakkum over twee oude vrienden. Kraaien Ik denk veel aan mijn kraaien. Overal zie ik ze en hoor ik ze, maar of het ‘mijn’ kraaien zijn weet […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper