Poëzie

Vers in de Etalage

Door Josse Kok
11 oktober 2011

Wielersdrang

Een jongeman fietst zich in bochten
door de hoek van onze stad.
In volstrekte willekeur van klanken
schreeuwt hij op ons af.

Wij hangen laf en mensen vrezend
om een afgebladderd bankje, zien
niet verder dan een idioot;
een kwezelende gans.

Totdat een stamgast ons vertelt
dat het in wezen nog een kind is.
Uit zijn nest gesprongen, smekend
om een nest dat hem erkent.

In zijn geluiden schuilt een eenling
die de eenzaamheid vervloekt, die
altijd zoekt naar een gegrond excuus
om uit zijn vaart te treden.

Te stoppen met bewegen, om te spreken
tot gelijken die éénzelfde route delen,
maar nog lang niet zijn bevrijd.

De fiets schatert piepend langs.
Alsof hij door heeft, waar wij zijn.

De jongeman gaat ons voorbij.
Hij stapt niet af.
Wij blijven steken.

 

 

 

 

Limbus

Ik stond warrig op een kruising.
Om mij droeg ik slechts wat vlees.
Wilgen hingen aan de horizon.
Iemand wierp een kist.

Een vogel kraste in een taal
die ik vernam maar niet begreep.
Woorden braken uit in klank en kleur.
Zij kondigden iets aan.

Er droop een lelie uit mijn mond,
vochtiger nog dan de tong.

Een kring van witte blaadjes
dwarrelde afwachtend om mij heen.

Er rees een purperrode zon.
In vlagen scheen zij door
mijn haar, mijn botten, dieper.
In mijn bloed dreven
miljoenen levens, vloekend
tot het brijzelende licht.

Vervaging zat mij achterna.

Ik gaf adem, die de wereld smolt
en sprak; Ik slaap niet meer.

 

 

 

 

Tapir

Ik ben de ogen, turend
over de rand van een bad.
In een hinderlaag woon je.

Figuren gaan langs en zij spotten
tot iedere wond opgedroogd is.
Littekenweefsel, door niemand omarmd.

Verstopt onder modder verlang je
naar moesson van fris regenwoud,
waar je vroeger nog lag.

De vellen zijn oud en het haar
is gehavend. Huid glimt van water,
maar niet meer van luister.

Ik kijk in een oog, dat zich droef
en verstoten beweegt door een kas
die haar barsten vertoont.

Je wappert een slurf en wrijft
melancholisch de pootjes uiteen
in het muisstille water.

We zouden van geest kunnen wisselen.
Misschien, dat ons lichaam dan past.

 

Over de auteur

Josse Kok is een dichter uit Dordrecht. Hij debuteerde in 2013 met de bundel Ik heb geslacht, die genomineerd werd voor de Buddingh'-prijs. Een maand geleden kwam zijn tweede bundel uit, genaamd Probeert u het later nog eens.

Lees meer van

De omgekeerde wereld: De reünie

Door Josse Kok

In de omgekeerde wereld draaien we de zaken voor de verandering eens om. Nu eens niet eerst een tekst waar een illustrator een beeld bij maakt. In de omgekeerde wereld is er eerst de illustratie, daarna gaat de schrijver aan de slag om er een kort verhaal of gedicht bij te maken. In deze vierde aflevering maakte Nastia Cistakova het […]

Lees meer uit de categorie Poëzie

De Regelname #1: Maarten Buser

Door Maarten Buser

Klecks – hét platform voor poëziekritiek – en uw geliefde podium voor hedendaagse poëzie, De Optimist slaan de literaire handen ineen en presenteren de reeks ‘De Regelname’. Eens per twee maanden vragen we een dichter welke regel hij of zij zelf geschreven zou willen hebben – en waarom. En we vragen hem of haar met […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper