Poëzie

Vers in de Etalage

Door Kila en Babsie
20 maart 2012

Afbraak van een stad

De stad wordt langzaam uitgekleed.
Iedereen vindt een bijl voor de deur.
Kinderen krijgen spatels (van plastic als ze heel jong zijn).
Schraap de voegen eruit, week ze in tranen, wrik ze los.
Scheur kleurrijk behang van de muren,
plak stoplichten en straatlampen af met zwart.
Mensen twijfelen, slenteren, vinden zichzelf dan opeens
met een bijl in de hand, hakkend op laagstaande
bebouwing.
Vervang alle lampen door tl-licht,
ruk bomen uit hun laatste vierkante meter,
plant grauwe betonnen palen.
Maak plafonds lager,
breng deurposten dichter bij elkaar.
Halveer de ramen.

Als je dan klaar bent, kijk ernaar,
laat je ogen glijden over dat
wat niet meer schitteren kan.
Besef wat je gedaan hebt,
vraag aan een ander ‘Wat vind jij’
en doe niets met het antwoord.

Geef nog meer geld uit aan anoniem materiaal
en laat de stem van de stad niet meer spreken.
Laat het langzaam vergaan tot een kale plek,
waar iedereen vertrokken is en er niets anders rest
dan een plek om te wonen
waar niemand wil leven.

 

Lift

We reden langs de singel,
zaten midden in een gesprek
toen zij vanaf de stoep vroeg
of ze achterop mocht. Vrolijk.

Het was laat, ze had een bril
op, ik herkende haar vaag,
probeerde te bedenken wat
te zeggen toen jij zei: Natuurlijk.

Het was vanzelfsprekend
hoe zij achterop sprong,
alsof haar broer haar kwam
halen van het station.

Ze hield vast aan je heup,
een plastic tas op haar schoot.
Je vroeg waar ze heenging.
Ik volgde als een antropoloog.

Ze zei dat ze naar een hostel moest,
een stukje verderop. Ze had zelf
een fiets, maar de banden waren
altijd lek en ze wist wie dat deed,
ze gingen ’s avonds naar buiten
om messen in haar banden te steken.

Het was niet dat ze loog,
het was meer dat ze dingen verzon
en daarna verzon
dat dat waar was.
Je fietste alsof je een zus
had gehaald van het station.

Een onvoorwaardelijk vertrouwen in de mens
sierde jou al fietsend langs de singel,
langs de weerspiegeling van de gevangenis,
tot aan het donkere park.

Ik ben er, zei ze, springend van jouw fiets.
Je zwaaide, ik lachte, het was niets.

 

Oma

De sterren in het tapijt
lijken op de sterren
die wij altijd met kerst
voor het raam hebben hangen

Kerst met zonder oma
heel raar was dat
terwijl het met haar
ook nogal vreemd was

“Mag ik naar mijn kamer?”
vroeg ze dan
terwijl wij in een
restaurant zaten
en zij dacht
dat het een hotel was

En ze herkauwde
al haar eten en
legde het dan weer
terug op haar bord
net als een koe
die herkauwt

Ook kocht ze gebreide kussen, babypoppen, Knuffels, koetje in de keuken,
bekers van Wimlex en Max, nog meer bekers van Wimlex en Max
maar het kleedje moest blijven liggen

En de glazen kast met de bonbons
Ze was altijd zo bang
dat wij erdoorheen gingen
terwijl zij degene was
die er doorheen ging

Tegenwoordig is het kerst
met zonder oma
maar de ster
in het raam
lijkt nog steeds
en zal altijd lijken
op de ster
in het tapijt.

 


Rare winkel

 

Berlijn

vluchtig voelen aan
de plant of hij wel
echt is

zelfgemaakt ice tea
in een bamboe-glas
(volgens mij is het een vaas)
glazen schaaltje met verse witte pitloze druiven

zwembad-uitzicht met corpulente vrouw in gouden zwemkledij
keeshondje genaamd Mimi
zoeken naar eventuele presidentiële suite
(hem niet kunnen vinden)

gelukkig op de kamer een witte vaas vinden met 6 takken
(dat is design)
en hebben we een waterkoker
(die lekt)

zodra ze uit haar gouden badpak is geklommen
parel oorbellen, bijpassende ketting
Clubsandwich
(zonder tomaat)
(liever geen augurk)
(zit er zout op?)

Lees meer uit de categorie Poëzie

Wout gebruikt… Contact

Door Wout Waanders

Wout Waanders stift maandelijks een gebruikshandleiding voor De Optimist. Dit keer gebruikte hij een tosti-ijzer.

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper