Kort verhaal

Hoogverraad

Door Eileen Ros | beeld: Juliëtte Verberk
4 april 2013

Het sneeuwde en regende door elkaar, de dag dat de sorteerders van TNT-post besloten te staken. Er was loonsverhoging nodig, een ‘fatsoenlijke’ pensioensregeling en gratis koffie in de kantine. Het bezorgde Jasper, een drie-en-dertigjarige winkelbediende in een zaak in het oude centrum van Amsterdam, een onheilspellend gevoel. Er moest vandaag een pakketje worden aangeleverd voor een belangrijke klant uit Venetië. Jasper liep wat rondjes door de winkel. Het was nog vroeg in de ochtend. Geen mens behalve Jasper had vandaag nog voet in de mistige ruimte gezet. Toegegeven, het was best lastig de winkel te herkennen als zijnde een plek waar iets wordt verkocht. Voorbijgangers zouden een serie op worsten lijkende touwen kunnen ontwaren, of stroken stugge nepvlechten die voor de ramen hingen.
De winkel werd alleen verlicht door daglicht. Elektrisch licht was niet goed voor de strengen, had moeder gezegd, en Jasper, die sinds zijn zestiende parttime en sinds zijn achttiende fulltime aan de zaak verbonden was, kon daar wel mee leven. Onder de toonbank stond zijn laptop, waaruit genoeg licht kwam om te gamen. En klanten die de winkel aandeden, wisten via-via van de zaak, vaak al jaren; het waren kenners, connaisseurs, vakmensen en verzamelaars die begrepen waarom het er zo donker was. Ze kenden bovendien de weg. Jasper hoefde ze vaak niet eens te helpen, en speelde iedere dag Mania Devil op zijn laptop. Zolang hij dat redelijk ongestoord kon blijven doen, had hij niet het gevoel dat er iets anders moest gebeuren in zijn leven.

Vannacht was zijn moeder laat thuisgekomen. Een goede vangst: drie navelstrengen, nog soepel van het bloed dat er doorheen had gestroomd. Met een schort voor haar bontjas stond ze tegen de tafel aangedrukt en haalde de strengen uit elkaar. Jasper had even opgekeken van zijn laptop en “Niet verkeerd, mam” gezegd. Zijn moeder grijnsde trots.
“Drie stuks! In West eentje in een vuilniszak, getipt door verloskundige D., de schat, ze belde me. De andere twee puur toeval, bij het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis uit de rolcontainers gevist. En dat op mijn leeftijd.” Jasper had niet echt geluisterd. Zijn poppetje was een berg opgelopen en ten strijde getrokken tegen een groepje kwaadaardige konijnen.
“Luister je wel Jasper?”. Zijn moeder trok haar wenkbrauwen op. “Morgen krijgen we twee exemplaren uit Thailand. Oh, ik ben zo benieuwd wat de Venetiaan ervan vindt. Ik heb ze laten zwoegen voor me in dat oerwoud. Wat arme mensen al niet doen voor een beetje geld. Twee pareltjes van, van…”
In gedachten verzonken aaide zijn moeder het vlees op het tafelblad. Jasper, die de konijnen inmiddels verslagen had, keek op van zijn laptop “..twee parels van strengen”, vervolgde zijn moeder. “Ze zeggen dat ze zijn gerijpt door het voedsel in het oerwoud. Hoe zouden ze ruiken? Naar bloemen? Naar mango misschien?”
Jasper, opnieuw in beslag genomen door een gevecht met een horde konijnen, grinnikte. Zijn moeder was misschien een beetje gek. Maar ook daarbij had hij niet het idee iets te moeten veranderen. De handel in navelstrengen verliep zoals hij al jaren had gelopen. Stabiel. Zijn moeder was vaak nachtenlang op pad. Jasper kon zo prima de konijnen van Mania Devil verslaan.

Hoogverraad

De sneeuw was veranderd in een soort ijzelregen die een laagje glibberig ijs achterliet op het groepje fietsen voor de winkel. Er had zich nog geen postbode gemeld. Een minuscuul straaltje zonlicht wrong zich tussen de voor de ruiten hangende navelstrengen door en bescheen Jasper, die ongeduldig langs de straal naar buiten keek.
De Venetiaan zou er al over een uur kunnen zijn. Maar niemand die hem tussentijds zou kunnen opvangen. Zijn moeder sliep uit van afgelopen nacht en Jasper, tja… Jasper wist niet goed wat te doen. Wat zeg je tegen iemand die zich al zo lang heeft verheugd op een pakketje uit het Thaise regenwoud? Tegen iemand die daarvoor helemaal naar Amsterdam is gereisd, ook omdat hij de Italiaanse postbezorgers niet vertrouwt? Moest hij zeggen dat de Nederlandse geen haar beter waren? Hem een slaapplek aanbieden thuis misschien? Er was geen tweede slaapkamer naast die van zijn moeder, waarin ook zijn eigen bed stond. Dan zou de bezoeker in de huiskamer moeten slapen, tussen de drie nieuwe strengen die er lagen te drogen. Als er één ding slecht is voor navelstrengen is het wel koolmonoxide, wist Jasper uit ervaring. In uitgeblazen adem zo’n 30 ml per uur per mens. De opperhuid laat op veel plekken los en als je pech hebt gaan onderliggende cellen ook nog delen. Daaruit ontstaan groenbruine korsten en dat vinden klanten lelijk. Zulke navelstrengen raak je aan de straatstenen niet meer kwijt. Thuis was uitgesloten, concludeerde Jasper, en hij pulkte met zijn tanden wat velletjes van zijn lip. 12:50. Zijn moeder bellen? Nog even wachten dan. 12:52. Op de met frituurvet besmeurde klok van de Israëlische snackbar aan de overkant tikten de seconden weg. Buiten baanden de fietsers zich een weg door de sneeuw die weer was gaan vallen. Jasper staarde naar de lange lijnen op het wegdek, mompelde iets onverstaanbaars en veegde met zijn duimtoppen langs de randen van de toonbank.
Hoe zou de Venetiaan eigenlijk moeten weten hoe een Thaise navelstreng eruit ziet? Niemand in Europa had er immers ooit eentje bezeten, had zijn moeder verteld. Het moesten er twee zijn, ze moesten heel anders ruiken en er heel anders uitzien. That’s all. Hij kon net zo goed een willekeurige streng uit de winkel pakken. Hoewel, zijn moeder wist van iedere streng die de winkel in- en uitging. De voorraad werd aan het eind van ieder jaar netjes twee keer geteld, voor de jaarbalans. “Maar dát is het”, prevelde Jasper langzaam. Rood aangelopen snelde hij twee, drie paar trappen af naar de kelder, toen weer terug naar de kassa, waar hij de bos sleutels die hij inderhaast was vergeten uit de la pakte, en daarna weer naar beneden. Tussen de beschimmelde houten balken van het oude pand schitterde een bronzen kluis met helemaal achterin, naast een stapeltje winkelvergunningen, Jaspers eigen, als een drol in elkaar gevouwen, navelstreng in een glazen pot. Hij was extra lang. Zijn moeder had hem zelf doorgeknipt en geen stukje willen verspillen. Voorzichtig pakte Jasper het uit het potje. Bruinrood kleurde het, met wit uitgeslagen aderen glimmend van de alcohol waarin het al die tijd bewaard had gelegen. In de wc plaste Jasper zijn blaas erover leeg. Uit de aderen leek een klein straaltje blauwig bloed te lopen, maar dat bleek slechts de weerspiegeling van het peertje in de wc. Weer achter de toonbank hield Jasper het resultaat in het schaarse daglicht omhoog. Een gelig uitgeslagen, nog vers lijkende navelstreng, met opvallend opgezwollen aderen. Zo’n exemplaar had hij nog nooit eerder gezien. “Het zou er best eentje uit een Thais regenwoud kunnen zijn”, zei Jasper hardop, en tevreden knipte hij het glibberige geval in tweeën.

Pakweg een kwartiertje later liep de Venetiaan de winkel binnen. Hij hield de stukken navelstreng één voor één voor zich, bekeek ze met toegeknepen ogen en telde er vervolgens resoluut 150 euro voor neer. Toen zijn navelstreng met de Italiaan de winkel uit was, kwam er voor het eerst in Jaspers leven een serie gedachten bij hem op. Doe ik wat ik wil? Waarom ben ik hier? Wie ben ik? En opnieuw. Doe ik wat ik wil? Waarom ben ik hier? Wie ben ik? Peinzend wreef hij over zijn voorhoofd. Mania Devil bracht geen verlichting. Ook niet zijn dagelijks broodje döner van de snackbar. Als bij een dijkdoorbraak pompten elektroden steeds dezelfde stortvloed van vragen door zijn hersenen.
Een uur voor sluitingstijd sloot Jasper de deur van de winkel, begroette de buurman van de snackbar met slappe hand en besteeg verward zijn fiets. Binnen rinkelde nadien onophoudelijk de telefoon. Het dagelijks telefoontje van zijn moeder, maar geen Jasper om op te nemen.

Lees meer van

Tijdsgeest

Door Eileen Ros

Ik zag mezelf maar zij zag mij niet! Serieus, ik bestelde bij haar -dezelfde neus, ogen, krulharen, vorm van gezicht, alles precies zoals ik- een patatje met maar geen enkele blijk van herkenning. Ze keek me alleen heel even aan toen ik expres mijn geld liet vallen op de toonbank en reageerde niet anders dan […]

Lees meer uit de categorie Kort verhaal

Smet

Door Henk van Straten

Wellicht moet ik, alvorens een kijkje te gunnen in mijn aanstaande roman, de lezer eerst nog van wat achtergrondinformatie voorzien. Smet wordt verteld vanuit vier verschillende perspectieven: Tonny, Betsie, Darryl en Boonchan. Zij ontmoeten elkaar dankzij een praatgroepje voor fobische mensen, Het Genootschap der Levenden. Als de zoon van een hen zich bij de groep […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper