Vers in de Etalage

Door Jorina van der Laan
2 mei 2013

De visionair met het borsthaar

Ik laat me niet inblikken door voortschrijdend inzicht. Voor u
bereid ik liever uit herinnering gedestilleerde bloesem.
Zonder borstbeen. De broekriem onaangeroerd.
Mijn drift de doorgeoliede drijfas van uw halsslag.
Ik bevind me in het kielzog van uw eetlust en u bent
hier getuige van een visionair die zijn geest uitrookt…

wars van wat dan ook,
kom,
ga mee.

Stroop uw uitzicht op.
De dood blijkt brandstof.
Schraap restanten honger uit kiesholten,
donker als nacht of nestdrang. Zet gegrinnik in
als dekmantel. Verschillende influisteringen zullen u navigeren
als u geruisloos genoeg bent, tussen gisterens en eergisterens door,

bestond er alleen maar buitenlucht.

 

 

Zij die andermans handen vangen kan

Ook zij ligt er uitermate verwekt bij. Fysiek resultaat
van de orgasmeketen van honderd voorouders
wrijft haar ogen uit, merkt te zijn aangespoeld
op hoogpolig tapijt, ziet
een woonkamer met
een theekop,
een tv
en
een venster vol medemensen. Ze zijn gemaakt van handelingen.
Ze vormen vreemde besteksets, sponzen en klopboormachines
tot familiariteit
die haar herinnert
aan de opengerolde vuist
die haar tot hier gedragen heeft.

 

 

Zij met het spookhuis onder de leden

Waarom deze gezette tante hongerig lijkt? Ze heeft veel inboedel
(alles wat zich bevindt tussen schoenzool en hoofddeksel).
Lintwormgeneraties wekken eetlust op.

Spoken die nog rondwaren in doopnamen, vragen haar aan tafel:
Maria, oma (vernoemd naar een andere beroemde moeder), had
inschiktalent. Antoinette en Joanna (openstaande rekeningen
van Anton en Johanna), zingen dat mamakoek en vaderkracht
eindelijk vrij zijn en
hangen kerstverlichting in haar darmen.
Ze heeft liever taart dan een eigen mond.

Wie o wie buiten haar vel
kan haar ontruimen met
liedjes & bellenblaas.

 

 

Standbeeld met koude handen

Hij liet zich baren op vaderlandafstand van zijn huis.
Vaderkracht houdt hem op zijn plek, zijn biologische
dader is zijn tweede huid, waaruit hij gluurt.

Zichzelf heeft hij strak rond zijn middenrif gewikkeld.
Je kunt beter niet knielen in zo’n geval.

Zijn bewegingen worden sowieso belemmerd door
een verlammend besef: een walvisembryo

moest eens weten wat hem te wachten staat.

Zelfs in z’n dromen stroomt hij niet. ’s Nachts
wordt hij begroet door een bevroren
terracottaspermaleger, strak in het gelid.

Dat laat hij als vrouwen in de kou staan,
want in geval van doorstroming wordt
zijn kind zijn clou.

 

Deze gedichten zijn afkomstig uit de multidisciplinaire dichtbundel Zoek de zeesnuiver, die 4 mei uitkomt bij uitgeverij Azul Press. Eerder verschenen van Arnoud Rigter De onaangebroken stad en Het duimzuigend fossiel: pre-debutale buitenissigheden.

Over de auteur

Jorina van der Laan (1989) studeerde in 2015 af aan Creative Writing ArtEZ. Met haar afstudeerwerk 'Jongens zoals wij worden niet verliefd' won ze in 2015 de Nieuwe Types Afstudeerprijs. Ze publiceerde werk op De Internet Gids en De Optimist. Jorina wordt als maker ondersteund door het literair agentschap van De Nieuwe Oost.

Lees meer van

Poëzie: Jorina van der Laan

Door Jorina van der Laan

* Een mager meisje geeft me een broek die ze niet meer draagt. Ik leg de broek in een hoek van mijn kamer en raak de spijkerstof elke ochtend even aan. De broek is een entiteit en bekijkt me.   Me bekeken voelen leidt tot in mezelf willen verdwijnen, leidt tot met een scherp voorwerp […]

Lees meer uit de categorie

Poëzieweek 2016

Door Ferdinand Lankamp

Champagne Nu ik lang genoeg mezelf heb rondgedraaid, moet ik stilstaan en groeien, om de draagkracht te hertaxeren als een voorjaarsbloempril en jeugdig op zijn steel, zijn wortels vastgeklemd in de losse aarde Om het licht niet te beoordelen naar kilowattvermogenwant ook licht kan ellendig zijnvoor een vlieg die zijn vleugels brandt aan een vlam […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper