Essay

De waarheid van fictie

Door Kelly Pijpers
30 augustus 2013

Met de voeten in de journalistieke aarde

Half september vindt in Amsterdam-Noord de eerste editie van Read My World plaats. Dit festival richt zich met name op documentaire literatuur: literatuur die zich op het snijvlak van journalistiek en fictie bevindt. Tijdens deze eerste editie is er speciale aandacht voor Egypte en Palestina. Meer dan tachtig schrijvers, dichters en muzikanten komen bijeen om eigen en andermans werk voor te dragen.
De vraag rijst wat de meerwaarde is van documentaire literatuur. We worden toch al overspoeld door uitgebreide verslaggeving van diverse nieuwsmedia? Moeten we nu werkelijk op een vrije zaterdagmiddag naar een verhaal over de complexiteit van de Palestijns-Israëlische vredesonderhandelingen luisteren?
Het antwoord is eenvoudig: ja, dat moet.

Het doel van Read My World is verhalen over te brengen die ‘voorbij gaan aan de vluchtige headlines van het nieuws’. Voor degene die twijfelt en drie volle dagen literatuur wat heftig vindt: tijdens het festival zijn er voldoende mogelijkheden om er even aan te ontsnappen. Zo is er op zaterdagavond een kampvuur met muziek, wordt er elke dag een film vertoond en is er theater. Om geschikte schrijvers en artiesten te vinden heeft de organisatie curators aangesteld. Egypte was de verantwoordelijkheid van Abeer Soliman en voor Palestijns talent werd gezorgd door Asmaa Azaizeh. Deze vrouwen zijn zelf begaafde schrijvers die nauw betrokken zijn bij de politieke situatie in hun landen. Door de lezingen van de door hun geselecteerde auteurs is het dus de bedoeling dat de nieuwskoppen worden uitgediept. Want het lijkt erop dat verhalen over conflictsituaties ons niet meer helemaal raken. We aanschouwen de rauwe gevolgen van deze confrontaties door de koude, objectieve blik van het nieuws. Overal zien we beelden van bebloede Egyptenaren en lezen we berichten over het gebruik van chemische wapens in Damascus. Eerst schrikken we erdoor, maar naarmate de strijd harder wordt en de politieke drijfveren daarachter ingewikkelder, haken we af. Als er dan ook nog eens een prins tot koning wordt gekroond of even later de broer van diezelfde koning overlijdt, is de nationale blik weer naar binnen toe gekeerd. Verhalen over wat er aan de andere kant van de wereld gebeurt, verliezen hun grip op de toch al glibberige wanden van onze korte spanningsbogen.

Ver-van-ons-bed show
Begin dit jaar probeerden Jeroen Pauw en Tijs van de Brink geld in te zamelen door middel van een benefietprogramma op televisie. De opbrengst hiervan kwam ten goede aan de slachtoffers van de Syrische burgeroorlog. Het programma was een flop. De kijkcijfers waren dramatisch laag, om over het opgehaalde bedrag niet te spreken. Het bedrag lag rond de vijf miljoen. Ter vergelijking: voor de slachtoffers van de tsunami in 2005 hadden Nederlanders rond de negentwintig miljoen over. Presentator Jeroen Pauw liet dit niet over zijn kant gaan en gaf een scherpe televisiecolumn ten gehore tijdens het programma De Halve Maan van NTR. Hij was boos, duidelijk teleurgesteld in zijn eigen volk dat lijdende burgers in een ander land koudbloedig de rug toekeerde. Samenvattend zijn de algemene redenen die ten grondslag lagen aan de schamele opbrengst van het programma dat ‘die moslims’ het maar lekker zelf uit moeten zoeken, Syrië een ver-van-ons-bed show is en dat we hier onze eigen crisis ervaren, aldus de presentator. Het is schokkend hoeveel waarheid zich in zijn beweringen bevindt. Het lijkt alsof de laagdrempeligheid en neutraliteit van de nieuwsverslaggeving ervoor zorgen dat ingewikkelde conflicten op bizarre wijze worden geobjectificeerd. We kijken naar de bloederige beelden van de Syrische burgeroorlog die rond acht uur onze woonkamer binnen knallen, maar laten de indruk die dergelijke berichten op ons achterlaten snel achter ons als De Wereld Draait Door eenmaal begint.
Het is precies dit verschijnsel waar de Palestijns-Syrische dichter Ghayath Almadhoun op indrukwekkende wijze gestalte aan geeft in zijn gedicht ‘Wij’:

      ‘We zijn excuses verschuldigd aan iedereen die zijn avondmaaltijd        
      niet meer door zijn keel kon krijgen,
      nadat hij onverwacht was geconfronteerd met onze verse beelden op       televisie.
      We zijn excuses verschuldigd voor het leed dat we hebben toegebracht
      aan iedereen
      die ons in deze toestand heeft gezien:
      zonder opsmuk en zonder dat er een poging was gedaan om onze       resten
      bijeen te vegen en weer aan elkaar te naaien voordat we op hun
      schermen verschenen.’

Almadhoun is één van de sprekers tijdens het Read My World festival. Zijn gedichten draaien voornamelijk om de status van de vluchteling in het land waar zij asiel proberen te krijgen. Almadhoun richt zich in ‘Wij’ specifiek op de verslaggeving van de Westerse media. Bovenstaand fragment laat inderdaad precies zien waar de schoen wringt: wij vinden het vervelend om telkens geconfronteerd te worden met het leed van een ander. Puur omdat dit vaak leed niet als zodanig ervaren wordt, maar als een televisiebeeld, of droge zwarte letters op wit papier. Het voelt als een onderbreking van ons eigen veilige leven, van onze comfortabele, gestructureerde omgeving. Dat wat we zien en dat waar we over lezen, glijdt uiteindelijk van ons af omdat wij het niet kennen. Sterker nog: dergelijke beelden roepen na enige tijd ergernis op. Niemand heeft zin om te zien hoe mensen worden afgeslacht terwijl we met het bord op schoot voor de buis zitten. Aan de wieg van deze houding staat een typische wij-zij situatie. De mensen op televisie worden dingen, poppetjes. Ze zijn vervangbaar. Deze kloof tussen de journalistieke verslaggeving en de ervaring van de toeschouwer wordt zichtbaar door gedichten als ‘Wij’. De personen die ‘wij’ bestempelen als ‘zij’ krijgen een stem, een gevoelswereld. Dit komt doordat literatuur en poëzie appelleren aan de emotie; pure journalistiek slechts aan de feiten. Hoe schokkend deze ook mogen zijn, er komen weinig senitmenten bij kijken. Terwijl mensen juist worden gedreven door hun emoties. We kunnen ons in elkaar inleven door onderling te delen wat we voelen. Dit is ook een van de redenen waardoor het benefietprogramma voor Syrië zo genadeloos onderuit ging: we werden van tevoren teveel geconfronteerd met enkel droge gegevens. Het was makkelijk om je van de situatie te distantiëren en terug te vallen op de excuses die Jeroen Pauw tijdens zijn column ten gehore bracht. De persoonlijke verhalen achter de gebeurtenissen ontbraken.

Eigen schuld, dikke bult
Ook voor het verkrijgen van begrip ten opzichte van andere landen dan Syrië is documentaire literatuur onontbeerlijk. Neem bijvoorbeeld Egypte. Twee jaar na de Arabische Lente wordt het land verscheurd tussen het leger en de Moslimbroederschap. Er lijkt een burgeroorlog ophanden. Westerlingen begrijpt niet dat de bevolking, toen Mubarak eenmaal was afgezet, massaal op Morsi heeft gestemd. Er lijkt een ‘eigen schuld, dikke bult’ stemming te heersen. Waarom ook stemmen op iemand die zo conservatief is, in vergelijking met de andere partijleider? Curator Abeer Soliman, heeft hier een antwoord op. Ze publiceerde op oneworld.nl een essay waarin ze uit de doeken doet waarom de westerse media volgens haar geen inzicht heeft in wat er werkelijk speelt in Egypte. Volgens Soliman hebben Egyptenaren na dertig jaar onder het juk van Mubarak’s dictatorschap te hebben geleefd onder andere geleden onder slecht onderwijs. Men werd gestuurd in waar ze van overtuigd moesten zijn en zo in de armen van een streng religieus leider gedreven. Verder onthult ze dat ze, als activist en intellectueel, zelf óók op Morsi zou hebben gestemd. Haar essay brengt een compleet andere kant van de gebeurtenissen op het Tahirplein en de gevolgen hiervan aan het licht. In een korte documentaire van Al-Jazeera over Soliman, zegt ze het volgende:

The story or parable is the simplest and best way to communicate a truth, a right to be sure that the other person in front of you understands what you are saying. Because you are not giving it to them through facts or in arrogance, but by creating drama that resembles and relates to your audience’s lives.

Rake woorden, die de kern van documentaire literatuur perfect omschrijven. Fictie is in deze het hart dat het bloed laat stromen door het lichaam van de feiten. De toegevoegde waarde van documentaire literatuur is dat er gebruik wordt gemaakt van een geaard narratief. Met haar voeten in de grond van de werkelijkheid laat ze ons voelen wat er uiteindelijk toe doet: dat alle soorten emoties een universeel menselijk gegeven zijn en wij ons er niet zo makkelijk van zouden moeten distantiëren. We krijgen de noodzakelijke objectieve informatie voorgeschoteld, maar vanuit direct menselijk perspectief. De situatie wordt niet droog wetenschappelijk verwoord, of via een slechte satellietverbinding door een nieuwslezer ter plaatse die, eerlijk is eerlijk, vaak niet precies weet wat er speelt en vaker niet dan wel verstaanbaar is.

Daarom is het nodig om op een vrije zaterdagmiddag naar een voordracht over het Israël-Palestina conflict te luisteren. Fictie is een essentiële aanvulling op de actualiteiten zoals deze ons worden gepresenteerd. Literatuur en journalistiek delen onze sociale werkelijkheid. En als dat zo is, kunnen we deze net zo goed delen rond een kampvuur.

RMW
Read My World wordt 13,14 en 15 september gehouden in de Tolhuishuin te Amsterdam-Noord. Het festival richt zich voornamelijk op fictie, poëzie en muziek uit Egypte en Palestina. Alle aangehaalde schrijvers, gedichten en documentaires zijn te vinden op de website van het festival: readmyworld.org.

Lees meer van

Het gras is altijd groener

Door Kelly Pijpers

Illustratie: Gemma Pauwels Vroeger vond ik weinig spannender dan mensen afluisteren. Als klein meisje zat ik ineengedoken bovenaan de trap te luisteren naar de gesprekken van mijn ouders. Vaak vond ik ze niet interessant, maar de spanning om betrapt te worden terwijl je je neus in andermans zaken steekt, werkte verslavend. Mijn zusje had precies […]

Lees meer uit de categorie Essay

Thee onder vuur

Door Rutger Kaput

Beeld: © Fiep Westendorp Een langzame maar gevaarlijke aardverschuiving bedreigt een belangrijk onderdeel van ons cultureel erfgoed, namelijk het theedrinken. Hoewel thee al vaker object van spot is geweest, is het nu slachtoffer geworden van een nodeloos grievende aanval met als enige doel politiek gewin. Dit terwijl het drinken van thee bij uitstek een rustgevende, […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper