Essay

Het gras is altijd groener

Door Kelly Pijpers
3 november 2013

Illustratie: Gemma Pauwels

Vroeger vond ik weinig spannender dan mensen afluisteren. Als klein meisje zat ik ineengedoken bovenaan de trap te luisteren naar de gesprekken van mijn ouders. Vaak vond ik ze niet interessant, maar de spanning om betrapt te worden terwijl je je neus in andermans zaken steekt, werkte verslavend. Mijn zusje had precies dezelfde afwijking. Als zij vriendinnetjes over de vloer had, vond ik ze regelmatig tijgerend op de trap of liggend onder mijn bed om mij te bespioneren. Na een bepaalde leeftijd wordt er vreemd van opgekeken als je ineengedoken achter een schutting zit om iemand af te luisteren. Terwijl het bevredigen van een gezonde dosis voyeurisme juist heel heilzaam is.  

Natuurlijk heb ik mezelf op een gegeven moment grenzen gesteld. Afluisteren mag ik alleen nog in de trein of als de buren heel hard schreeuwen tijdens hun ruzies. Best leuk, maar toch voelt het als een mager substituut. Zo heel erg vaak zit ik niet in de trein, en bovendien val ik regelmatig in slaap als ik er langer dan twintig minuten in moet doorbrengen. Daarnaast bekvechten de buren ook wel eens met minder volume. Het gaat me toch net een stap te ver om met een glas aan mijn oor tegen de muur te staan. Gelukkig is er al een tijdje een fantastische oplossing waaraan ik mijn verslaving kan laven. Het schaadt niemand en ik kan niet worden betrapt op iets wat eigenlijk niet hoort of netjes is.
Ongeveer een jaar geleden kwam ik thuis van werk en zette ik de televisie aan. Met een glas wijn in mijn hand en een zak chips op schoot viel ik met mijn neus in de boter. Ademloos keek ik naar het probleem van Hidde. Hidde ging binnen afzienbare tijd dood, wat al redelijk problematisch is, maar naar eigen zeggen wilde hij ook nog eens ‘eerlijk de kist in’. Hij had nog twee maanden om aan zijn vrouw en dochter te vertellen dat hij al twintig jaar een affaire had. Zijn maandelijkse zakenreisjes waren helemaal geen zakenreisjes! Bijna een uur lang genoot en oordeelde ik volop. De wanstaltig slechte acteerprestaties, de dikke laag witte schmink die Hidde op zijn gezicht gesmeerd had gekregen toen hij op zijn sterfbed lag, de manier waarop Hidde’s televisievrouw hem overduidelijk heel erg onaantrekkelijk vond en daarom zijn echtelijke kussen keer op keer op haar wang liet landen. Fantastisch. Het programma heette Achter Gesloten Deuren en ik was onmiddellijk verliefd.

Enige tijd heb ik geprobeerd mijn nieuwe liefde te verbergen voor mijn huisgenoten. Als ik onderuitgezakt op de bank van mijn obsessie genoot en hun sleutels in het slot hoorde, zapte ik snel naar iets anders. Ik was me er maar al te goed van bewust dat ik hield van iets wat echt, écht helemaal nergens over ging. Achter Gesloten Deuren is de bouquetroman van de televisie. Maar dan zonder gespierde, gepijnigde mannen en wulpse, evenwichtige maagden. Bij dit programma wemelt het van de sletjes, christelijke closet-gays en bastaardkinderen. Daarnaast blijkt het programma gebaseerd te zijn op waargebeurde verhalen. Al deze personages lopen dus werkelijk in Nederland rond. Ondanks mijn onmiddellijke, allesoverheersende begeerte naar nieuwe afleveringen hield één vraag me bezig: waarom hou ik zo intens van dit programma? Al snel kwam ik op het antwoord: het voorziet in mijn gluurdersneigingen.

Achter gesloten deuren...

Hier ben ik niet de enige in, blijkt uit de kijkcijfers van Achter Gesloten Deuren. Eén aflevering heeft eens 369.000 kijkers getrokken. Dat is niet bepaald slecht voor een dagelijks programma dat net na etenstijd wordt uitgezonden. Blijkbaar nemen redelijk veel mensen hun toevlucht tot deze waargebeurde verhalen. De voyeur in ons zou het liefst een tijdje meekijken in het leven van een ander om erachter te komen hoe de vork nou precies in de steel steekt. Ik ook. Maar als je een bepaalde leeftijd voorbij bent is het niet meer grappig als je hurkend bovenaan de trap wordt aangetroffen. Dan ben je toch wel sociaal onaangepast en als puntje bij paaltje komt willen maar weinig mensen dat zijn. Bovendien ben je ook nog eens strafbaar als je in een dergelijke positie wordt aangetroffen in het huis van een ander.
Door programma’s als Achter Gesloten Deuren is dat ook niet langer nodig. Dagelijks komen er de meest afschuwelijke dilemma’s en problemen voorbij, waar we vol overgave naar mogen kijken, zonder enige nare consequentie. Neem Mark bijvoorbeeld, een puberjongen met een gouden idee: stiekem naaktfoto’s maken van zijn zus en deze aan zijn beste vriend geven voor zijn verjaardag. Helaas lekken de foto’s uit en wordt het leven van zus Alice zuur gemaakt door haar schoolgenootjes. Nu lijkt Mark absoluut de klootzak van het verhaal, maar zijn ouders zijn nog veel en veel erger. ‘Rug recht, schouders eronder!’, roept de vader om de haverklap tegen zijn huilende dochter, terwijl de moeder knikkend en piepend achter haar corpulente echtgenoot aanhobbelt. Met zulke dweilen van ouders is het natuurlijk niet zo gek dat die zoon verknipt is. Dat mag ik denken, denk ik dan, want ach, het is toch maar televisie. Bovendien zijn de acteerprestaties zo ondermaats dat werkelijk elk probleem lachwekkend wordt. Waarschijnlijk denken mijn driehonderdduizend medekijkers er ook zo over. Blijkbaar genieten we allemaal meer van gluren bij de buren dan we op het eerste gezicht laten blijken. We zijn collectief voyeur.

Dat klinkt natuurlijk heel dramatisch, maar vrees niet. Door dit alom geaccepteerde collectieve voyeurisme blijven we sociaal gezond. Waar voorgaande generaties hun buren nog afluisterden terwijl ze zogenaamd de planten water gaven in de achtertuin, of naar buiten gluurden vanachter de geraniums, hebben wij nu de toegankelijkheid van de televisie. Denk vooral niet dat deze drang om te weten wat zich afspeelt in het leven van de medemens een nieuw verschijnsel is, meeliften op andermans problemen is al een heel oud kenmerk van de mens. Aristoteles loofde de oud-Griekse tragedies onder andere omdat zij catharsis teweeg zouden brengen. Dat is, kort gezegd, emotionele reiniging. Doordat de toeschouwer dusdanig meeleeft met de overdreven emoties van de spelers, zouden zij zelf evenwichtigere mensen worden. Hij of zij zou zich er natuurlijk wel goed van bewust moeten zijn dat het gedrag dat op het toneel wordt uitgebeeld, in het dagelijks leven ongepast is, maar door de emotionele reiniging zou de mens over het algemeen zijn behoefte tot excessieve emotionele wandaden verminderen.
Dat is goed vergelijkbaar met wat er gebeurt na een flinke dosis Achter Gesloten Deuren. Al heeft dat programma nóg een positief effect: de gemiddelde kijker krabt zich waarschijnlijk flink achter de oren voor hij een affaire met de moeder van zijn vriendin begint na een uur lang loeren naar schreeuwende, huilende en gebroken mensen. Ik moet echt niet aan denken dat mijn buren, nadat ik een aflevering heb gekeken, ook nog eens ruzie zouden maken. Dit soort programma’s zorgen ervoor dat we onze neiging om onze neuzen in andermans zaken te steken opzij kunnen zetten. Of dat deze in ieder geval sterk afneemt. Wat uiteindelijk leidt tot een samenleving waarin iedereen gereinigd is van zijn gluurdrang, in ieder geval tot de volgende aflevering…

Achter Gesloten Deuren wordt elke werkdag uitgezonden op Net5, 19:00-20:00

Lees meer van

De waarheid van fictie

Door Kelly Pijpers

Met de voeten in de journalistieke aarde Half september vindt in Amsterdam-Noord de eerste editie van Read My World plaats. Dit festival richt zich met name op documentaire literatuur: literatuur die zich op het snijvlak van journalistiek en fictie bevindt. Tijdens deze eerste editie is er speciale aandacht voor Egypte en Palestina. Meer dan tachtig […]

Lees meer uit de categorie Essay

Maffe eerste maten

Door Leo van der Sterren

Rangorde in de kunst geldt als een heikel ding. Iemand die zich argeloos door het leven beweegt, zou er gemakkelijk de vingers aan kunnen branden. Alleen al vanwege het feit dat kunstwerken zowel in hoedanigheid als in kwantiteit de grootste verschillen vertonen, mist een hiërarchie per definitie een objectief fundament. En dan komt het fenomeen […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper