Kort verhaal

Hutspot

Door Elske van Lonkhuyzen | beeld: Ellis van der Does
6 februari 2014

Twee havo is een rusteloze, bij vlagen hardwerkende klas. Mevrouw den Hartog is een hardwerkende, bij vlagen rusteloze biologielerares. Ze heeft tegen deze les opgezien, maar minder dan in voorgaande jaren. Met de leerlingen van twee havo zal een goed gesprek te voeren zijn over het thema van vandaag. Toch komt ze te laat. Alsof ze zichzelf heeft willen afremmen.

De helft van twee havo hangt slap tegen de verwarming in de gang voor de deur naar het lokaal. De meeste leerlingen hebben hun jassen nog aan. De verwarming suist, maar door de brede glaswand die uitkijkt op het schoolplein trekt de januarikou venijnig naar binnen. De leerlingen groeien gestaag. De groeipijn kost, samen met de kou, veel energie. Dat is aan de witte gezichten af te lezen. De bijna volgroeide helft van twee havo speelt voetbal met een heel klein rubber balletje dat lawaaiig door de gang stuitert. Toch mag je ze niks kwalijk nemen.

Mevrouw den Hartog arriveert haastig. De panden van haar jas flapperen rond de magere heupen en voeren een geur van rook en salami mee. Ze baant zich een weg door de studentenbrij. Wat ruwer dan ze van haar gewend zijn.
‘Kom snel binnen, jongens’, roept ze.
De deur heeft ze ongeduldig opengewrikt. Ze voelt dat ze kalm wordt. Maar goed ook. Tijdens de lerarenopleiding heeft ze geleerd dat kalmte aanstekelijk kan werken. Nog voordat ze haar jas uit heeft zoeken haar handen naar een krijtje in het metalen bakje onder het bord. Ze begint te schrijven.
Twee havo rommelt langzaam het lokaal binnen. De plekken achterin zijn meteen bezet. De onfortuinlijken, de trage leerlingen die het hardst groeien, zijn op de voorste stoelen aangewezen.
Mevrouw den Hartog schrijft met driftige, lange uithalen. De kalmte verlaat haar weer, ze had hem graag vast willen houden, maar zoiets dwing je niet af. Dat is op zijn minst jammer te noemen. Ook zit haar tas in de weg. Ze klemt hem onhandig onder haar linkerarm.
Als ze klaar is, is het stil in het lokaal. Dat valt haar een beetje tegen van twee havo. Ze draait zich langzaam om, zet haar tas op het bureau en hangt haar jas slordig over de stoel. Het zijn de zenuwen die haar slordig maken.

Twee havo kijkt naar het bord.
‘Jullie weten hier vast al meer vanaf dan ik’, zegt mevrouw den Hartog.
Het is niet de zin waarmee ze had willen beginnen, maar nu zal ze het ermee moeten doen.
‘Daarom beperk ik me vandaag tot de basis.’
De klas leunt achterover. Misschien opgelucht, misschien verveeld. Mevrouw den Hartog leunt naar voren. Ze klemt haar handen om de bureaurand en buigt over het groezelige, mosgroene blad. Ze kijkt even naar haar duimen. Iemand heeft het woord ‘kut’ in het bureaublad gekrast. Dat doen ze op deze leeftijd.
‘Wie van jullie heeft het weleens gedaan?’, vraagt mevrouw den Hartog. Nu het begin niet goed is gegaan kan ze maar beter meteen doorstoten.
‘We kunnen er open over praten, als beschaafde, verstandige mensen onder elkaar.’

ELLISvanderDoes.Hutspot

Achterin eet iemand een appel. Dat herinnert mevrouw den Hartog aan het lesmateriaal van vandaag. Ze graait in haar tas. Ondertussen begint ze stug te reciteren wat ze heeft voorbereid, alsof het een monoloog is, en dit lokaal een theatertje.
‘Als een man en een vrouw, of een vrouw en een vrouw, of een man en een man… Als twee mensen veel om elkaar geven kan het zijn dat ze het met elkaar willen doen, dat is niet iets om preuts over te zijn, dat is iets heel normaals, biologisch gezien, er zijn heel veel manieren om het te doen als je van iemand houdt, hoofdstuk 6, pagina 78 in jullie boek.’
Terwijl ze naar haar eigen stem luistert, die onvaster klinkt dan op de dagen dat ze celdeling en fotosynthese behandelt, onderdrukt ze de neiging om rood te worden. Ze heeft het warm, maar warm gaat niet altijd gepaard met rood, weet ze uit ervaring. Ze is in de loop der tijd heel goed geworden in het onderdrukken van rood, maar het onderdrukken van warm is in de loop der tijd steeds moeilijker geworden. Op pagina 112, weet ze, staat daar meer over. Ze praat nu alleen nog – ze denkt niet meer. Ze zoekt op de tast in haar tas die op het bureau staat waar ‘kut’ in gekrast is. Ze begrijpen het allemaal al wel, denkt ze.
‘Je kunt het ook met elkaar doen als je niet van elkaar houdt, dat gebeurt tegenwoordig steeds vaker, niet alle seks is vrijblijvend, je kunt zwanger worden of een ziekte oplopen, pagina 80, om dat te voorkomen zou je veilig moeten vrijen, pagina 84, een manier, ik zeg een manier, want er zijn meerdere, om veilig te vrijen is door een condoom te gebruiken.’
Ze heeft weinig ademgehaald terwijl ze sprak, maar dat geeft niet. Ze heeft gevonden wat ze zocht: een stevige winterpeen. Van de groenteboer op de hoek. Hij ligt goed in de hand, daar is hij op uitgezocht. Ze deed alsof het een gewone boodschap was, voor het avondeten, en alsof het haar niks uitmaakte dat de papieren zakjes op waren. Tijdens het afrekenen liet ze haar blik naar buiten dwalen en pas later zag ze op de bon dat de winterpenen in de aanbieding waren.
In de klas wordt gegrinnikt. Het appeleten is gestopt. Waarschijnlijk om ruimte te maken voor het grinniken. Mevrouw den Hartog zoekt in haar broekzak, en vindt – ze wilde hem niet kwijtraken – een condoom, nog stevig in het plastic en een beetje warm. Met de peen in de ene hand en het condoom in de ander heeft mevrouw den Hartog niet veel keus dan het plastic met haar tanden los te scheuren. Ze heeft dit thuis geoefend. Twee havo is onrustig. Ze hoort het schuifelen van voeten over linoleum. Een schurend geluid. Ook onrust werkt aanstekelijk, weet ze. Waarschijnlijk kijken de leerlingen met grote ogen naar dit educatieve tafereel, maar zeker weten doet mevrouw den Hartog het niet. Geconcentreerd rolt ze het condoom om de winterpeen. Ze vergeet erbij te praten, maar het belangrijkste is al gezegd. Een beeld zegt meer dan duizend woorden. Dit zullen ze onthouden.

Klaar.

Mevrouw den Hartog houdt de peen als een trofee omhoog. Het topje van het condoom steekt schuin in de lucht, alsof het naar de TL-verlichting wijst die er niet in slaagt deze winterdag wat warmte te geven. Niet alles kan nou eenmaal tot in perfectie worden gedaan. Zo duurt een les idealiter vijftig minuten en geen – ze kijkt op haar horloge – elf.
‘Zijn er nog vragen?’
Twee havo zwijgt. Ze hoort hoe achterin heel zacht weer een hap van de appel genomen wordt. Zo gaan die dingen soms. Je moet het niet willen forceren.
‘Dan kunnen jullie gaan.’

De leerlingen die hun jassen nog aanhadden zijn het eerst buiten. Ze waaieren uit als vogels en kluwen dan weer samen onder het afdakje bij de deur. Uit hun monden komen wolkjes. Adem en rook door elkaar. Ze ziet het door de geopende deur en het vettige glas heen. De lerarenkamer roept. Daar ligt nog een half pakje sigaretten bij de koffieautomaat. Ze stopt de winterpeen terug in haar tas en denkt: vanavond hutspot.

Over de auteur

Elske van Lonkhuyzen (1984) schrijft korte verhalen die het absurde met het alledaagse combineren. Ze schreef de verhalenbundel Met de beste bedoelingen. Ander werk verscheen onder meer in de Volkskrant, Op Ruwe Planken en de Internet Gids. Elske zit in een talentontwikkelingstraject van Literair Productiehuis Wintertuin en heeft een zwak voor oude mensen.

Over de illustrator

Ellis van der Does is een Nederlandse illustrator en ontwerper gevestigd in Londen. Haar stijl is helder en fris door het gebruik van verschillende technieken en sprekende kleuren. Haar beelden bestaan vaak uit een combinatie van bestaande vormen om zonieuwe verhalen te maken. In september 2015 behaalde zij haar MA in Graphic Design Communication aan Chelsea College of Art and Design. Ellis werkt autonoom en in opdracht voor onder meer Museum of Sound & Vision, Root+Bone Magazine, Overdose.am, Girls Club Zine, Bite Me, Chanced Arm, Sister Magazine, The Carton and Staatsbosbeheer. Meer over Ellis vind je op haar website: www.ellisvanderdoes.com

Lees meer van

Als een lach waarin een tand ontbreekt

Door Elske van Lonkhuyzen

Het eerste wat ik van de nieuwe buurvrouw zie, is rook: een dun sliertje dat opstijgt vanachter de verroeste witte bestelbus die net de laan is opgerold en oplost in de voorjaarskou. Pas daarna zie ik de buurvrouw zelf: een vrouw van een jaar of vijfendertig met een muisachtig gezicht en dun blond haar. Ik […]

Lees meer uit de categorie Kort verhaal

De Wilde Bizon

Door Fenna Riethof

‘Schrok je daar niet van?’ vroeg mijn vader. ‘Wat bedoel je?’ vroeg ik. ‘Je schrok niet.’ ‘Nee, ik schrok niet. Jij?’ ‘Nee.’ ‘Want het ging niet mis.’ ‘Nee.’ Ik zag de craquelé rond zijn ogen en de matheid van zijn haar, dat volgens hem op foto’s witter overkwam dan het was. We zaten op een […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper