Poëzie

Vers in de Etalage

Door Katelijne Brouwer | beeld: Elise van Iterson
23 oktober 2015

Fennek

Met welbehagen sloop hij rond, slinks op de kussens
van zijn voeten, want hij was wakker, de anderen niet.
Verse eendagskuikens rook hij, hun buik nog vol eierstruif,

de veertjes nat. De woestijnvos ging naar het eerste kuiken,
beet de kop eraf, hapte, kauwde, smakte en zag hoe hij
draden trok van de snoertjes uit de nek: aders, merg, pezen,

spieren, het binnenwerk was stuk. Hij liet het lijfje zonder kop
in het zand liggen, snoof en ging op pad naar hapje twee,
beet ook daar het hoofdje af, solde wat, kledders spatten rond,

op naar kuiken drie, één voor elke fennek, een steelse blik op
de anderen. Die sliepen nog. Hij vervolgde zijn schranspartij
en liet de kadavers gehavend achter in het zand.

 

Bul

Er zou een olifant komen logeren om te paren met Thong-Tai.
Zij was nog niet tochtig, die hele grote koe. Dus hield haar stier
zich stil, stond eenzaam achter tralies, at hooi. Zijn bullenpees
zwaaide doelloos heen en weer.

Vandaag gillen de olifantenmeisjes in het perk, het beest is los.
Hij paradeert, zijn zwarte lul hangt als een zachtgekookt ei,
de eikel een lillende, druipende dooier, een druppel die
    langzaam
            valt
                  of net niet.

Zijn opgebolde voorhuid iets lichter, donker grijs. Zouden
zwarte mannen zwarte eikels hebben? Hij houdt de kop
geheven, zijn slagtanden krullen voor de stoot. De meisjes
gillen, brommen, knorren, de kleinste als een varkentje,
nooit geweten dat olifanten zo hoog konden.

fennek

Over de auteur

Katelijne Brouwer (1966) publiceerde eerder korte verhalen en poëzie in Op Ruwe Planken en op De Optimist. Ze komt nog steeds heel graag in Artis, al mist ze de verdwenen dieren, het nijlpaard, de zeekoe en de tijgers.

Lees meer van

Mijn ooms stonden op het dak en bliezen op hun bazuinen

Door Katelijne Brouwer

‘Mijn ooms stonden op het dak en bliezen op hun bazuinen’, hoorde ik mijn vader ’s avonds laat een keer tegen mijn moeder zeggen. Ik had allang moeten slapen, ving een paar flarden van hun gesprek op, ‘ooms’, ‘bazuinen’, ‘dak’, en sliep in. Zo geheimzinnig was het dat ik nooit verder heb durven vragen, maar […]

Lees meer uit de categorie Poëzie

Vers in de Etalage

Door Pim Cornelussen

  wat er van ons rest het flatgebouw toont een panorama van menselijke grappen nu de gevel naar beneden is gehaald wijnvlekken brengen ruzies voort tussen verstokte rokers en een verstopte kauwgom in de deurpost wijst met alle zekerheid een geheime opbergplek van kinderen aan een visitekaartje van vier hoog stelt me voor aan Sander […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper