Portret

Pulpplaatjes

Door Floris Dogterom
5 september 2013

Bestaat er zoiets als pulpmuziek? De term ‘pulp’ heeft toch voornamelijk betrekking op literaire producten, film en toneel, zegt Van Dale, die aldus voortdefinieert: ‘iets van waardeloze kitscherige kwaliteit, iets banaals, afgestemd op een weinig kritisch publiek’. Dat helpt. Laat je die definitie los op popmuziek, dan valt volgens de kritische zeiksnor 90 procent van wat er uitgebracht wordt daar wel onder. Nu nog even een top 3 samenstellen uit het ruime aanbod. Op Seven Inch Mania, waar ik zeer onregelmatig blog over het slechtere lied, vindt u meer van dit soort muzikale pareltjes.


1. Iets van waardeloze kitscherige kwaliteit

Zangeres Zonder Naam – Hij was maar een neger

De Zangeres zonder Naam

Zangeres Zonder Naam – Hij was maar een neger

De Zangeres Zonder Naam nam het in haar liedteksten vaak op voor de verschoppelingen van onze maatschappij. In 1965 ontdekte ze de neger.

De Zangeres Zonder Naam, geboren als Rietje Bey en na haar huwelijk en een voornaamsverandering voortaan bekend als Mary Servaes, kweelde zich in haar 30 jaar omspannende carrière door 550 tranentrekkers heen, de een nog larmoyanter dan de ander.
Onder aanvoering van haar ontdekker en platenbaas Johnny Hoes vergastte de Leidse de luisteraar op een hoop leed, op haar plaatjes trekt een eindeloze stoet verschoppelingen voorbij. Wezen, hoeren, kinderen wier vader aan de drank is, zwervers: de Zangeres bezong ze met dat typische kinderstemmetje op een tapijtje van accordeonklanken. Hoes plakte wat steekwoorden aan elkaar tot een pakkende tekst.

Dichte deur
Hoes was ook verantwoordelijk voor de tekst van deze single. In een variant op de avonturen van Jozef en Maria, die 1965 jaar voor de geboorte van dit plaatje ook nergens welkom waren rond de kerst, beschrijft de tekstdichter het lot van de neger die van deelneming aan het kerstfeest wordt uitgesloten:

Hij zag door de ramen de kerstbomen staan
Met glinst’rende bellen en lichtjes eraan
Hij hoorde gezang, o zo vroom en devoot
Terwijl men voor hem alle deuren goed sloot

Onvervalste, valsgoudglimmende kitsch. Beetje té, zelfs. Hij doet ’t erom, die Hoes, zo lijkt het.

Verwarde tijd
Aardig detail is dat het singelhoesje niet de Zangeres Zonder Naam, maar Mary als uitvoerend artiest opvoert. Op de foto doet de Zangeres een poging om aan te haken bij de gangbare iconografie van de Heilige Maagd. Je maakt een kerstsingle of je maakt geen kerstsingle, tenslotte.
In 1998 nam beroepsklier Robbie Muntz een nieuwe versie van Hij was maar een neger! op. Het plaatje werd door vrijwel alle radiostations geboycot, wat ongetwijfeld Muntz’ bedoeling was. Zijn kompaan Paul Jan de Wint, met wie Muntz onder andere items voor het VPRO-televisieprogramma Waskracht maakte, ziet dat anders: “Het nummer werd in de jaren zestig niet verkeerd begrepen, maar in de jaren negentig dus wel. Uiteindelijk had het goede bedoelingen en konden we heel goed aantonen hoe verward de tijd was waarin we dit nummer opnieuw uitbrachten.” (bron: muziekmagazine FRET, maart/april 2010). In de bijbehorende videoclip is een prominente bijrol weggelegd voor de dan 81-jarige Johnny Hoes.

Beste tekstregels:

Hij was maar ‘n neger, zo’n zwarte
Zoiets haal je niet in je huis
Omdat je ‘t noodlot dan tartte
Want die zwarten zijn immers niet pluis

 

2. Iets banaals

Claudia Philips and the Kicks – Quel souci la Boétie!

Claudia Philips haar voorkant

Claudia Phillips and the Kicks – Quel souci la Boétie

Afgaande op de hoesfoto en de clip van dit singeltje uit 1987 vindt Claudia Phillips zichzelf een lekker gek mens. Maar het blijft een raadsel wat die voorbind-babyhoofdjes met de tekst te maken hebben.

Quel souci la Boétie betekent zoiets als ‘Wat betreft la Boétie’, maar daarmee weet je nog niks. La Boétie is kort voor Étienne de la Boétie, een zestiende-eeuwse schrijver en filosoof die beroemd werd vanwege zijn innige vriendschap met Montaigne, een andere Franse filosoof. Deze duiken dan ook gezamenlijk in de tekst van dit liedje op. ‘Montaigne et La Boétie’ is zo’n feitje dat elk Frans schoolkind moet leren, maar waarvan de werkelijke betekenis na verloop van tijd op de achtergrond raakt. Zoiets als ‘1600 Slag bij Nieuwpoort’ bij ons. Vrij nutteloze kennis dus. Dat sluit aardig aan bij de rest van de tekst, waarin La Phillips tussen de kinderrijmpjes door betoogt dat het allemaal niet zoveel zin heeft om te leren. Aan het eind roept ze – opeens in het Engels – dat je maar beter een potje kunt gaan dansen.

Dode kinderen
Allemaal leuk en aardig, maar wat doen die voorbindbabyhoofdjes nou op de plaats van haar mammalian protruberances? Beide baby’s hebben de oogjes dicht. Ze zouden kunnen slapen natuurlijk. Maar met een morbide geest is de link met het funeraire kinderportret snel gelegd. Een bekend voorbeeld daarvan is het schilderij de Dordtse vierling (1621) met daarop vier dode kinderen.
In de zeventiende eeuw was het op familieportretten niet ongebruikelijk om de overleden kinderen op te nemen in de voorstelling. Zo is er een portret bekend van het gezin van Jan Gerritsz Pan. Negen van de elf kinderen liggen in een rieten bedje, het merendeel heeft de oogjes gesloten. Daarvan wordt aangenomen dat ze dood geboren zijn. Dat Phillips die iconografische traditie heeft meegenomen op deze intrigerende hoesfoto is uiteraard pure speculatie van mijn kant.

Mel & Kim
Het nummer zelf is een typische jaren-80-discostamper met een hoog Mel & Kim-gehalte. Phillips zingt Frans met een dik Engels accent. Niet verwonderlijk als je bedenkt dat ze de dochter is van de Californische jazz- en improv-contrabassist Barre Philips, die eind jaren ’60 naar Frankrijk verhuisde.
Phillips had nog een paar hitjes, zo leert YouTube, maar legt zich tegenwoordig toe op muziekonderwijs. Ze schopte het zelfs tot voorzitter van de Franse vereniging van zangleraren. Een serieuze functie, dunkt mij. Zou ze inmiddels spijt hebben van die curieuze hoesfoto van een kwart eeuw geleden?

Beste tekstregels:

Hey… Hey… Hey… Hey!
Yeah… C’est dommage!

 

3. Afgestemd op een weinig kritisch publiek

Trafassi – Strijkplank

 Trafassi

Trafassi – Strijkplank

Wie kent niet de Wasmasjien van Trafassi? Kleine wasjes, grote wasjes, doe ze in je wasmasjien, laat maar lekker draaien, steeds weer in je wasmasjien etc. Zanger Edgar Burgos ontkende in De Wereld Draait Door dat de tekst erotische connotaties zou bevatten. Tuurlijk joh.

Wasmasjien (1985) zou de enige hit van het Surinaams-Nederlandse Trafassi blijken te zijn. Wel deden Burgos & co. in datzelfde jaar een gewiekste, zij het wat doorzichtige poging om voort te borduren op het wasthema. De tekst van Strijkplank, hoewel voor een deel onbegrijpelijk, sluit naadloos aan bij de top-10-hit Wasmasjien.

Als je jong bent dan wil je het steeds weer
En als je ouder wordt vlot het niet zozeer
O, nu dus strijk maar vast
Alle plooitjes glad
Want als je ouder wordt vlot het niet zo zeer

Spijtig voor Trafassi, maar Strijkplank haalde de tipparade niet eens. Blijkbaar was het weinig kritische publiek toch iets kritischer dan gehoopt en was het alweer klaar met pikante nummertjes over wassen, die trouwens tekstueel gezien ook goede kandidaten zijn voor categorie 2 van deze top 3 én voor de Hitsige hits elders in dit magazine.

Beste tekstregels:

Stijfsel door de krik-krak
Voor de glans en voor de mik-mak
Van je 1-2-3-4-5
Zo nu is de was goed stijf

Misschien moet je Surinamer zijn om het werkelijk te kunnen doorgronden.

Op mijn blog Seven Inch Mania besteed ik onregelmatig aandacht aan het slechtere (Nederlandstalige) lied. Daar zitten ook deze drie pareltjes tussen.

Lees meer van

Portret: Floris Dogterom

Door Floris Dogterom

Nummertje tien in onze portrettenreeks: Floris Dogterom. Floris heeft een imponerend archief aan zogenaamde pulpplaatjes en hitsige hitjes. Stuk voor stuk pareltjes uit het foutere segment van de Nederlandse popgeschiedenis. In het Handboek voor een Optimistisch leven verschijnt zijn essay Pulpplaatjes.   De Optimist heeft voor elke auteur/kunstenaar een thema gekozen. Voor jou was dat thema Pulp. Hoe vond je dat thema? Paste […]

Lees meer uit de categorie Portret

Portret: Renske van Enckevort

Door Renske van Enckevort

In alweer het zesde portret van de helden die het Handboek voor een Optimistisch leven hebben gemaakt tot wat het gaat worden – fantastisch – stellen we Renske van Enckevort aan je voor. Renske verzorgde niet alleen de illustratie bij het thema Schuld maar is daarnaast beeldredacteur van Handboek voor een Optimistisch leven en heeft er in die rol voor […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper