Beeld Proza

De omgekeerde wereld: Middelpuntvliedende kracht

Door Klaas Knooihuizen | beeld: Jesse Strikwerda
27 december 2018

In de omgekeerde wereld draaien we de zaken voor de verandering eens om. Nu eens niet eerst een tekst waar een illustrator een beeld bij maakt. In de omgekeerde wereld is er eerst de illustratie, daarna gaat de schrijver aan de slag om er een kort verhaal of gedicht bij te maken. In deze eerste aflevering maakte Jesse Strikwerda het beeld. Klaas Knooihuizen schreef er op ons verzoek een tekst bij.

Op de middelbare school was ik verliefd op Hans en op de bobbel in zijn broek. Ik schreef gedichten die hij niet mocht lezen. Ze waren romantischer dan mijn gedachten. Hans was de zon en ik was de maan. Van hemellichamen wist ik niets. Ik zou een belangrijk dichter worden.

Voor de grap hadden de populaire meisjes mijn tas afgepakt. Ik uitte mijn woede. Dat was dom. De populaire meisjes doorzochten mijn tas. Op de achterkant van een aardrijkskundeproefwerk stond een gedicht. Het heette ‘Voor Hans’. Ook dat was dom.

Hans heette eigenlijk meneer De Jager. Hij gaf natuurkunde. De populaire meisjes verzonnen een opdracht. Ik moest uit de klas worden gestuurd. Als het niet lukte kreeg Hans het gedicht.

Ik zei dat ze gemeen waren. Ik zei dat het gedicht onvoltooid was. Ik zei dat het een werktitel was. Ik zei dat het over mijn oom ging. Die heette ook Hans. (Dat was echt zo.)

De populaire meisjes zeiden dat ik wist wat mij te doen stond.

Hans sprak langzaam. Alles wat hij zei schreef hij op het bord. Hij had een meisjeshandschrift. De les ging over middelpuntvliedende kracht. De populaire meisjes gaven een briefje door. Smijt je gum tegen zijn hoofd.

Ik durfde niet harder te gooien. Via de grond stuiterde de gum tegen de schoen van Hans. Dat is een mooie gum, zei hij. Bedankt. Hij stak hem in zijn broekzak.

Er kwam weer een briefje. Gooi je passer. Dat deed ik niet.

De tijd begon te dringen. Op het volgende briefje stond: denk aan Hans.

Ik dacht altijd aan Hans. Ik keek naar zijn kruis. Nu waren er twee bobbels. De ene bobbel was groter dan de andere.

Ik stak mijn vinger op. Hans noemde mijn naam. Ik zweeg. Zeg het maar, zei Hans. Toen zei ik het.

Meneer, u bent een sukkel.

Hans lachte het hardst van iedereen.

Ik ging sterrenkunde studeren. Als de zon zou verdwijnen was de maan flink de lul. Andersom maakte het geen reet uit.

Over de auteur

Klaas Knooihuizen is schrijver en muziekjournalist. Zijn stukken verschijnen in onder meer Oor, Trouw en Noisey. Hij bracht twee bundels uit vol verhalen en stukjes: De zwarte ooievaar en Toen wij naar Oostenrijk gingen, liepen er paarden en koeien op de weg. Momenteel werkt hij aan zijn debuutroman, die begin 2020 zal verschijnen bij uitgeverij Thomas Rap. Dat wordt wat. Zie klaasknooihuizen.nl.

Over de illustrator

Jesse Strikwerda is een tekenaar die zijn tekeningen vaak intuïtief opbouwt. Hij tekent gevarieerd en vrij explosief alsof hij tijdens het tekenen geen plan volgt maar voortdurend improviseert, impulsen volgend die hem worden aangereikt en die uit hem zelf voortkomen. Zie jessestrikwerda.nl/ en @jessestrik/.

Lees meer uit de categorie Beeld Proza

Natte grond

Door Sonja Buljevac

De ruitenwissers schuiven over de voorruit. Als ik de weg die we rijden niet had gekend, had ik de auto aan de kant gezet en gewacht tot het opklaarde. Nu rijd ik door. Over een half uur heeft mijn vader een afspraak in het UMC. De arts en mijn zus rekenen erop dat ik hem […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper