Contact

Door
13 maart 2020

‘Zeg, moet jij je moeder niet eens bellen?’
   De eigenaar van het internetcafé peutert aan een toets van zijn kassa terwijl hij spreekt. Een voor een haalt hij de toetsen eruit en legt ze in een teiltje met azijnwater. Met een afwasborstel port hij in de bak. Het klinkt als onweer in de verte.
   ‘Niet om extra geld aan je te verdienen of zo,’ vervolgt hij. ‘Maar gewoon, ze zou het vast leuk vinden. Je moeder.’
   De man bij het raam – de enige klant van vandaag en toevallig ook de enige klant van deze maand – ramt onverstoorbaar door op zijn toetsenbord. Voor iemand die per uur betaalt voor het gebruik van een computer, gaat hij vrij inefficiënt te werk: hij gebruikt alleen zijn rechterwijsvinger, de andere hand ligt werkeloos op zijn schoot. Drie jaar eerder stapte de man het internetcafé binnen om zijn moeder in Turkije te bellen. Kort daarna begon het oeverloze typen met één vinger. Dag in dag uit, zwijgend.
   ‘Waar werk je eigenlijk aan?’ vraagt de eigenaar.
   Vanachter de computer klinkt alleen getik.
   Met een heel klein schepnetje vist de eigenaar de kassaknoppen uit het water en legt ze te drogen op een theedoek. De voorjaarszon schijnt op zijn gezicht, zijn oogleden voelen zwaar aan. Door zijn wimpers ziet hij eindeloos veel stofdeeltjes door de zaak zweven. Soms stelt hij zich voor dat dat stof het internet is. Dan zou hij de megabits kunnen vastpakken en stilzetten, duizenden per seconde.
   Het getik aan de overkant houdt op.
   De eigenaar schrikt op en kijkt op zijn horloge. Nog lang geen sluitingstijd. Hij opent zijn mond om iets te zeggen, dat is hij nu eenmaal zo gewend; hij praat en de man zwijgt en tikt en om zes uur gaan ze allebei naar huis. Nu is het anders. De woorden zijn op. De tikkende man draait zijn bureaustoel om en kijkt hem met grote ogen aan. Zijn rechterwijsvinger hangt hulpeloos in de lucht, als een geknakte paardebloem.
   ‘Pardon,’ zegt hij. ‘Komt de Q eigenlijk vóór of ná de R?’
   ‘In het alfabet?’ zegt de eigenaar.  ‘Ervoor, dacht ik.’
   ‘O. Dan moet ik helemaal opnieuw.’
   Tergend langzaam draait de man zijn bureaustoel weer om. Hij strekt zijn wijsvinger een paar keer, parkeert ’m boven de backspace-toets en begint weer aan te slaan.
   Tik-tik-tik-tik, klinkt er.
   De eigenaar staart naar zijn kassatoetsen. Ze zijn schoon, ze glimmen, maar ze zijn nog steeds beige en niet wit, zoals alles in zijn winkel beige lijkt, en niet wit.
   ‘Even wat frisse lucht,’ zegt de eigenaar.
   Met een stokhaak draait hij een minuscuul klapraampje bovenin de winkelpui open. Even blijft hij bij het voorraam staan. Buiten lacht een jongen naar het scherm van zijn smartphone. Met onhandige stapjes waggelt hij voorbij het pand. Zo nu en dan staat hij stil om iets te typen. Op de rotonde toetert een automobilist naar een spookrijdende fietser. De zon schijnt nog steeds, maar niemand lijkt het op te merken.



 

Lees meer van

Word redacteur!

Door

Lees meer uit de categorie

Wat vrouwen (denken te) willen

Door

Nikki Dekker las een boek over seks en wat vrouwen daar mee willen. Het bracht haar op uiteenlopende gedachten; over mannen die porno afzweren en een geestelijke gezondheidstest uit de jaren 70. Vrouwen willen seks. Dat is het grote nieuws waarmee Daniel Bergner van Wat Vrouwen Willen een bestseller maakte. In tegenstelling tot het oude fabeltje […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper