Interview Poëzie

De Nieuwe Lichting: Frederike Luijten

Door Frederike Luijten | beeld: Martien Bos
28 oktober 2020

De Optimist vroeg de nieuwe lichting afgestudeerden van schrijfopleidingen in Nederland en Vlaanderen om hun eindwerk in te sturen. In DE NIEUWE LICHTING presenteren wij fragmenten uit dat werk en stellen wij de schrijvers van de toekomst voor. Frederike Luijten studeerde af aan de opleiding Creative Writing aan ArtEZ met Kind zonder uitknop, een experimentele en ritmische bundel over ADHD. Hieronder lees je een kort interview met Frederike en een aantal gedichten uit haar afstudeerwerk Kind zonder uitknop.

Foto: Wouter le Duc

Hoe kwam je op het idee voor je afstudeerwerk?
Mijn werk draait om ADHD, zelfoordelen en het vinden van kalmte. Dat zijn onderwerpen die in veel van mijn vorige week al een onderliggende rol spelen. Om over andere dingen te kunnen schrijven, moest ik eerst datgene tackelen wat tussen mij en deze onderwerpen in stond: dat ik dingen vergeet, het gevoel dat ik nooit overkom als mezelf, de chaos in mijn hoofd. Deze thema’s zijn moeilijk te negeren wanneer je persoonlijk werk schrijft. Ik moest ze mezelf toe-eigenen.

Toen ik begon met schrijven aan mijn afstudeerwerk draaide het alleen om ADHD en chaos. Ik wilde mensen mijn chaos laten ervaren, tot het irritant zou worden. Mijn eerste idee was dan ook om een album te maken met muziek en soundscapes. Al snel merkte ik echter dat deze vorm onnatuurlijk voelde en dat het overgebrachte gevoel gekunsteld en onoprecht werd.

Ik besloot mijn plan (en daarbij al mijn gemaakte werk) los te laten. Ik begon opnieuw met maken, waarbij ik besloot dat alles wat ongecontroleerd en automatisch ontstond mijn materiaal zou zijn. Voor een groot deel werden dit gedichten en korte stukken proza, maar ook handleidingen, brieven en chaotische hersenspinsels. Daarnaast kwam ik erachter dat de kern van mijn werk geen eindeloze chaos was maar juist de kalmte die wegvalt. Als dat namelijk wegvalt voelt het vaak alsof mijn eigenheid ook wegvalt. Mijn eindversie is minder irritant geworden dan mijn eerste idee (al is niet elke lezer het hiermee eens) maar daarvoor kwam hetgeen wat er op het spel staat in de plaats; het in stilte samenzijn met een geliefde, het zetten van koffie in de ochtend of mijn concentratie tijdens zeefdrukken.

Wat is het beste schrijfadvies dat je hebt gekregen? (En van wie?)
Het beste wat een leraar mij dit jaar heeft gegeven was huisarrest. Dat deed Hanneke Hendrix, toen ze merkte dat ik mezelf een burn-out in aan het werken was. Zonder Hanneke was ik denk ik niet afgestudeerd dit jaar.

Wat ik verder heb meegenomen van mijn opleiding is het gevoel dat mijn werk, wat ik ook maak, waardig is om besproken te worden. Dat het goed is om over feedback na te denken, maar dat ik het weer naast me neer mag leggen. Het gevoel dat ik gezien mag worden als collega en gelijkwaardige. Dat gevoel neem ik mee vanuit ArtEZ maar ook van mijn collega’s tijdens mijn stage bij Tilt.

Wat is je lievelingsboek of- schrijver en waarom?
Mijn lievelingsschrijvers zijn Ali Smith en Allen Ginsberg. Voor mij is het heel belangrijk dat boeken oncontroleerbaar voelen, dat ze doen wat ze op dat moment nodig hebben zonder zich te houden aan regels of structuren. Daarnaast halen beide schrijvers grote politieke thema’s aan, terwijl de teksten speels blijven.

Allen Ginsberg blijft voor mij speciaal omdat mijn wens schrijver te worden bij hem begon. Naar zijn poëzie luisteren heeft mij op veel momenten gemotiveerd om door te gaan. Op die momenten kon ik me zo goed herinneren hoe het voelde toen ik begon met schrijven, en daardoor werd ik me bewust van hoe ver ik al was gekomen.

Verder haal ik altijd inspiratie en motivatie uit muziek, iets wat je ook terugziet in mijn afstudeerwerk. Mijn grote voorbeeld is denk ik Little Simz. Haar energie, kracht en dankbaarheid inspireert me. Als ik naar Boss luister ga ik aan het werk alsof niks me kan stoppen.

Wat zijn je ambities op schrijfgebied?
Voor mij is schrijven niet iets wat ik niet kan doen. Mijn ambitie is om werk te blijven maken en hierbij steeds de juiste vorm en verspreidingswijze te vinden. Op dit moment ben ik bijvoorbeeld bezig aan iets dat helemaal niet op mijn afstudeerwerk lijkt: een lang verhaal met heel veel ademruimte, dat zich afspeelt op een berg.

Ik hou me altijd bezig met het verspreiden van literatuur door bijvoorbeeld het organiseren van evenementen en door de literaire Seizoenszine die ik heb opgericht. Dit wil ik nog actiever gaan doen, eventueel binnen een bedrijf of organisatie. Met een deel van onze afstudeerlichting zijn we collectief Wildgewelf begonnen, waarbinnen we projecten doen en schrijfopdrachten aannemen. Voor mij is deze omgeving, omringt door mensen die mij al vier jaar lang inspireren en motiveren, de perfecte plek om verder te groeien.

 


3s.

Als ik me een ADHD’er voorstel zie ik een jongen van tien jaar voor me.


als je er geen last van hebt kun je het beter niet aangeven


-Rustig voorlezen.
-In mama’s stem: adem in, 1, 2, 3, 4, adem uit, 1, 2, 3, 4, 5, pauze, adem in, 1, 2, 3, 4, adem uit, 1, 2, 3, 4, 5, pauze, 1, 2, 3, 4 adem uit 1, 2, 3, 4, 5, pauze, adem in 1, 2, 3, 4, adem uit 1, 2, 3, 4, 5.
-Teken golfjes.
-Zet een X op je linkerhand.
-Streel liggende achten.
-Vul weekplanner in.
-Zet timer voor niks doen (20 min).
-Groei een grote struik.
-Zoek iemand die hun vinger naar beneden houdt als het zachter moet.
-Kies lettergrootte 14, regelafstand 2.
-Google het woord dyslexie (je typte weer dyslectie).
-Geef aan: je vindt het moeilijk om dingen te onthouden, soms geef je te veel informatie, soms ga je te lang door, je mag tussendoor gestopt worden.
-Geef niet aan: je zal te laat komen, je zal dingen kapot maken, je zal mensen beledigen, je zal niet luisteren.
-Probeer niet aan iedereen te vertellen dat je ADHD hebt.
-Schaam je niet als mensen weten dat je je best doet.


de meest veelbelovende bokser

wanneer ik aan mijn vader van vroeger denk, denk ik aan
een kapotgeslagen gezicht; politie-examinatoren die
touwspringslagen niet bij kunnen houden

ik wil vechten, laat jongens me blauwe plekken slaan
wil niet meer voelen, wil iets wegdrukken, wil als een jongen
vechten, boksen, ik –

word bij mijn kraag opgetild en
voorzichtig in een dojo neergezet

dat ik eerst maar moet leren wat vechten is

ik leer mijn ingegroeide teennagels in een mat te drukken
te mediteren, mijn been stil te houden in de lucht
hoe bamboe klinkt in de zomer en

hoe schaamte voelt als je niet kan doen alsof
het opzettelijk is, het niet op tijd,
niet stil, niet onthouden, het

kom fucking vechten dan

met mijn ogen dicht zie ik jongens
met meisjes die ik –

of mijn vader met zijn jeugdpuistjes kapotgeslagen
door een dikke bokshandschoen dus ik moet nog

leren wat vechten is

het was nooit frustratie voor te laat,
te veel, te afgeleid, te verliefd, te boos
te luid, te opgefokt, het is hoe ik

mijn tenen dubbelvouw, mijn voorhoofd op de mat leg


je kan zonder sokken lopen als je maar leert om je voeten te wassen voor het slapengaan

Ik rende op blote voeten over straat, takelde mijn voeten toe tot mijn eelt dik genoeg was om me te beschermen. Op zomerse vakanties ging ik met mijn natte voeten op wespen staan, in de herfst in het jasje van een kastanje. Ik stond in brandnetels en peuken, stootte mijn tenen tegen boomstronken, zette stoelpoten op mijn ingegroeide nagels. Ik liet mijn voeten in de sneeuw zinken tot mijn aders dichtslibden, mijn voeten opzetten, langzaam paars werden.

Het plafond van mijn kinderkamer zit vol met zwarte vlekken. Je kan precies nagaan hoe ik, stap voor stap, mezelf in een kaarshouding zette. Diezelfde vlekken moeten op mijn dekbedden hebben gezeten. Op alle banken, stoelen, kussens.

Voorzichtig werd ik een nieuw bed ingetrokken, leerde hoe grote tenen in elkaar gehaakt kunnen worden. Ik duwde mijn voeten tegen die van een ander met het gemak van handen vasthouden, viel zo in slaap. Wanneer ik alleen ben, wrijf ik mijn tenen tegen de zool van mijn voet, focus daarop.

Ik ga op mijn badrand zitten en wurm mijn lange vingers tussen mijn tenen door, spoel zwarte pluisjes het putje in. Mijn vingers zijn precies die van mijn moeder, mijn voeten die van mijn vader. Ik houd ze naast elkaar en stel me voor dat ik voor een ander zorg. Ik knak mijn botjes een voor een, duw mijn duim over de bal van mijn voet.

‘s Nachts droom ik dat ik mijn voeten moeiteloos door rotsen heen druk, dat asfalt voor me wegschiet, dat ik het puimsteen van mijn badrand aftrek en met diezelfde kracht tot stof trap.- je kan zonder sokken lopen als je maar leert je voeten te wassen voor het slapengaan


 

cake recept

Bak de pinda’s in een pot met boter of boter voor 3 maaltijden voeg het droge broodje toe en kook de notensoep we zijn naar beneden gekomen met Coominar in het water. Meng ondertussen het gazon met de vanillekool tot het gaar is (dun maar niet te plakkerig). Meng in een voorbereide zak.

Schil de bananen voorzichtig en voeg espresso toe. Duw jelly en pan en licht. Was de banaan en het sap op een volumetrische manier. Zie bakblik. Snijd de cake in stukken van 1⁄2 cm en bakvorm en bedek de cake door de cake te vullen. Raak vier secties aan. Geef de helft van de ruimte op je bord.

Snijd de gekarameliseerde pinda’s goed en breng op smaak. Breng een grote verandering aan in bananenproducten. We zullen dol zijn op het interieur van de cake.

Laat de koelkast op de vierde staan. Leg ondertussen in een dikke pot melk in een pan zonder coating, voeg water toe tot het knapperig is en het gekookte zeewier anderhalf uur meegaat totdat de karamel zacht is. De bestelling hoeft niet langer te worden toegevoegd.

Laat de koelcondensor een uur opstijgen. Verwijder cake uit de koelkast en rol over de plaat. Laat de politie het pakken. Je kunt de vette melk openen en en de karamel van de zool scheiden. Zet liter op snoepgoed bovenop. Giet 1,5 cm luchtbed. De wet maakt alles makkelijker.


I told you that story to tell you this one

waar het om gaat is: mijn rechte rug, ik ben
geen danser (tenzij iemand dat lief vraagt) maar wel
boos, ik heb kleuren uitgevonden
geloof mij maar, ik heb
een rechte rug en een hoop goed geoefende eigenschappen
zei dingen als hiphop is like a mountain, it has white on top
en ontdekte toch nujabes
ik was niet plots volwassen, ik was
na recht en goed geoefend nog steeds boos
I told you that story to tell you this one en besloot mezelf toch waardeloos, wacht –
daar gaat het niet om, het is mijn rechte, rechte, rechte, rechte rug
ik probeerde mijn borsten altijd al zelf te dragen
y’all can’t even spell sterke schouders
vuisten na schaamte, stoelen met twee poten
klimtafels, bankvloeren, plafondpaden
ik hoorde I hope that you listen en kon nog steeds door gangen schreeuwen
was niet plots volwassen, heb voor de spiegel gestaan en geprobeerd niet te praten
kon nog steeds honderden mensen onderbreken zonder excuus, ik heb rust
tussen mijn schouderbladen, kan zelf mijn borsten dragen
mijn hoofd, mijn eerlijke woorden, mijn recht door zee, mijn mag het wat zachter,
mijn gemeen, mijn boos, mijn normale tenen voor een man van tachtig, mijn rechte rug,
mijn luid, mijn woorden die opstapelen tot een muur om op te steunen en, wacht –
daar zijn we nog niet
dat is vanuit liefde en ik ben nog boos

Over de auteur

Frederike Luijten (1998) is een schrijver die projectgericht denkt en graag interdisciplinaire samenwerkingen aangaat. Haar afstudeerwerk Kind zonder uitknop is een experimentele en ritmische bundel over ADHD. In 2018 richtte ze de literaire Seizoenszine op, waarmee ze elk seizoen jonge schrijvers een kans geeft te publiceren. Ze was werkzaam als programmamaker bij Tilt, en ze deed onderzoek naar fancultuur als omgeving voor talentontwikkeling.

Over de illustrator

Martien Bos is naast freelance tekstschrijver ook illustrator voor diverse tijdschriften, kranten en uitgeverijen in binnen- en buitenland. Hij tekende onder andere voor De Optimist, NRC Handelsblad, VPRO, De Standaard, uitgeverij Boom en Athenaeum–Polak & Van Gennep. Zie martienbos.com.

Lees meer uit de categorie Interview Poëzie

Vers in de Etalage

Door Katelijne Brouwer

Fennek Met welbehagen sloop hij rond, slinks op de kussens van zijn voeten, want hij was wakker, de anderen niet. Verse eendagskuikens rook hij, hun buik nog vol eierstruif, de veertjes nat. De woestijnvos ging naar het eerste kuiken, beet de kop eraf, hapte, kauwde, smakte en zag hoe hij draden trok van de snoertjes […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper