Poëzie

Kunstbende #3: Dagmer Koolwijk

Door Dagmer Koolwijk | beeld: Zep de Bruyn
14 maart 2021

  1. Koud 

Het is laat
We fietsen langs het water 
Over een ruwe asfaltweg

‘Ik heb het koud’ zeg ik
Ik krijg je sjaal en sla hem daar waar ik mijn jas verder had willen sluiten

 Het water ademt snel
Niet zoals anders

‘Ik vind dit leven koud’ zeg ik 
Ik voel dat je dit niet had verwacht 
Toch doe je waar ik onbewust op had gehoopt 
Je geeft me je lach
En ik stop hem daar waar ik voel dat jij haar voor bedoeld had

Onze benen beginnen de trappers sneller te duwen
Ik voel hoe de regen achter ons jaagt,
De wind zich opwindt 
En het water nog zenuwachtiger begint te tasten 
grijpend naar meer

 Het is al bijna donker 
Ik kan je niet meer zien
Hopend dat het goed is 
blijf ik staan

 Ik heb het gevoel alsof de wind mijn wangen afschuurt
Zoals ik jou weleens heb zien doen 
maar dan bij houten planken
en met een stukje schuurpapier

‘Ik vind dit leven koud’ denk ik
‘Ik vind dit leven koud’ denk ik
‘Ik vind dit leven koud’ denk jij

Ondertussen wachtend op de brug 
Zoekend kijken of je een wit lichtje en iemand met jouw sjaal 
aankomen ziet. 

  1. Laat

Het is laat 
Ik fiets over een weg van zigzaggende stenen
Ik zie mijn oom fietsen in de verte 
Als we dichter bij elkaar komen is het weer een gewone man

Ik zie twee schimmen vliegen boven mij 
ze lijken op vogels 
die ik eerder heb gezien

  1. Waaien

De maan danst
de zon zingt
en de wind geeft mij een hand 
We reizen samen 
ver genoeg maar niet te ver zodat we weer 
terug kunnen komen  

Samen liggen op het schuim van de zee
heen en weer, heen en weer
Als op de schommelstoel van oma die jij wiegt

Samen omhoog met één oor door de atmosfeer
de rest blijft achter, hier 

De maan danst 
de zon zingt 
en de wind geeft mij een hand 
We reizen samen 
ver genoeg maar niet te ver zodat we weer 
terug kunnen komen 

Ik wil liggen blijven, ik leun op jou
maar jij waait mij weg 
Ik waai nog weggen dan het aller wegst
ik ben nog verder dan
ik ben nog verder dan het verste verder dan 
ik ben op een weg 

 Maar deze weg heeft geen eindbestemming 
en een weg met geen eindbestemming 
is geen weg 

Nu snap ik waarom de vingertopjes met de scherpe nagels van de boom 
jou zo in de weg zaten 
Het stroompje bloed dat langs mijn wangen kruipt valt 
op het niets 

De maan danst 
de zon zingt 
en ik voel een hand die mij vastpakt

Over de auteur

Dagmer Koolwijk (14) en is dichter. Op haar 11de was ze de jongste finalist in de geschiedenis van het NK PoetrySlam. Het Jeugdjournaal maakte daar een item over. Ze trad onder meer op tijdens de KinderNacht van de Poëzie en werd onlangs derde tijdens de finale van Kunstbende in de categorie taal. Afgelopen november sloot ze het landelijke overheidscongres INNOvember af met een gedicht waarin ze de ministeries opriep meer te doen voor onze toekomst. Haar gedichten werden al in diverse bundels gepubliceerd.

Over de illustrator

Zep de Bruyn is een tekenaar en visueel ontwerper. Hij is ook redacteur bij De Optimist. www.zepdebruyn.nl is zijn website, @zepdebruyn zijn Instagram.

Lees meer uit de categorie Poëzie

Vers in de Etalage

Door Maria Cristina Fazecas

Schietgebed Zullen we gewoon gaan slapen? zonder de anderen zonder dat het geluid van leven dooft we hadden gewoon moeten gaan slapen we hadden welterusten tot morgen en misschien een kus terwijl in alle kamers nog gelachen wordt nog lichtjes lauwe grapjes door brandewijn verdoofd oh-onze-lieve-vrouwenbeeld had het gescheeld als we onze kleren hadden aangehouden […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper