poëzie

De Regelname #10: Mattijs Deraedt

Door Mattijs Deraedt | beeld: Anna van Duijn
25 mei 2021

Klecks – hét platform voor poëziekritiek – en uw geliefde podium voor hedendaagse poëzie, De Optimist slaan de literaire handen ineen en presenteren de reeks ‘De Regelname’. Klecks vraagt aan dichters welke regels zij zelf geschreven zouden willen hebben – en waarom. Wij vragen ze met die regel iets nieuws te schrijven, dat op De Optimist wordt gepubliceerd. Een creatief-kritische kruisbestuiving, dus, bestaande uit een interview en een gedicht.
 
In deze tiende aflevering: Mattijs Deraedt koos voor de regels

“Diep in de palm zingt een goud-
geveerde vogel, zingt zonder
zinnebeeld of zin. Zingt.”

Van Wallace Stevens, uit het gedicht ‘Of mere being’, vertaald door Lloyd Haft. 

Met deze regels schreef Mattijs het onderstaande nieuwe gedicht. Waarom? Zie hier het interview!

 

 

DAG 4745

‘En ook de vogels moeten talrijk worden, overal op aarde.’ – Genesis

I

Op dag 4745 van het park maakt hij de halsbandparkieten
uit ronddwarrelend stof en aarde.
Het lijkt alsof hij ze uit de lucht grist, alsof ze daar altijd
geweest zijn, maar gewoon nog niet zichtbaar waren.  

Hij geeft ze rode snavels, groene veren
en een zwarte ringbaard. Hij geeft ze snerpende stembanden
om mee te kwetteren, vleugels om mee te wapperen
en poten om mee te huppelen: ta-da-ta-da, van tak naar tak.

Zo dromen ze heerlijk zwevend door het zwerk.
Prachtige bladeren van wiegende bananenplanten.
Van de stad en haar atomen maakt hij hun huis:
de poort staat op een kier.

Maar welke parkiet zal terugkeren
eens hij zelf een maker is geworden?

Ze vliegen hoger en hoger,
recht door het gewelf, en duiken
in het vruchtbare water aan de andere kant.
Met brandende bekken regenen ze neer, overal op aarde.

II

De bomen halen hun kale schouders op.
Hier en daar zit nog een parkiet,
het moeten de laatste van het jaar zijn.

Dan gaan ze sterven in een nest onder de grond
en komen in de lente naakt weer tevoorschijn
uit een humuslaag van pluimen, botten en vlees.

Diep in de palm zingt een goud-
geveerde vogel, zingt zonder
zinnebeeld of zin. Zingt.

 

 

 

Over de auteur

Mattijs Deraedt (Kortrijk, 1993) is poëzieredacteur bij literair tijdschrift Kluger Hans. Gedichten van hem verschenen in tijdschriften als Het Liegend Konijn, De Revisor, Poëziekrant en Extaze. In 2017 werd hij derde in de finale van Write Now! met een cyclus gedichten. Eind 2018 stond hij in Vers van het Mes, een eigenzinnig poëzieprogramma van deBuren en Perdu. In het voorjaar van 2020 verschijnt zijn debuut 'De schaduw van wat zo graag in de zon was blijven staan' bij uitgeverij Poëziecentrum.

Over de illustrator

Anna van Duijn (1994) tekent en woont in Leiden. In 2017 is ze afgestudeerd aan de HKU als illustrator. Datzelfde jaar richtte ze kunstenaarscollectief Stichting ROEM op, om zich met jonge Leidse makers te kunnen omringen. Sindsdien is ze freelance illustrator en werkt ze voor ROEM. Haar werk gaat vaak over ‘hoe mensen doen’. Zie anna-june.com of bekijk haar Instagram.

Lees meer van

Kadar

Door Mattijs Deraedt

Sinds Vriend gestorven is, kijk ik elke dag om 16.15 u. naar de grote kreeft in de supermarkt. Natuurlijk wandel ik niet meteen naar hem toe. Ik ga eerst een voor een de gangen af en koop wat er die dag op het boodschappenlijstje staat. Wanneer ik bij de visafdeling aankom, kniel ik voor het […]

Lees meer uit de categorie poëzie

Voorpublicatie: Merel van Slobbe

Door Merel van Slobbe

Hieronder lees je vier gedichten van Merel van Slobbe uit Aan de rand van een lichaam, haar chapbook dat eind november verschijnt bij Wintertuin Uitgeverij.  In de bundel Aan de rand van een lichaam brengt Merel van Slobbe poëzie en filosofie bij elkaar in een zoektocht naar online en offline identiteit. Ze experimenteert met zichtlijnen om […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper