kort verhaal

Veters strikken

Door Nick de Weerdt | beeld: Lies Schroeyen
19 februari 2022

Het is verrassend hoe vaak je dezelfde mensen tegenkomt. Je hoeft alleen maar te kijken. Uiteindelijk volgt iedereen dezelfde patronen. Verbonden soortgenoten in hetzelfde ritueel.

Je raakt met hen vertrouwd.

Mist hen, als ze er niet zijn.

(– Dagboeknotities)

 

Ik heb de vrouw geen enkele keer in het water gezien, toch waren haar haren altijd nat. Ik kruiste haar altijd bij het binnenkomen. Blijkbaar hielden we er hetzelfde zwemschema op na. We hielden ons rigoureus aan de klok en elke woensdagochtend troffen we elkaar in de hal, waar zij haar schoenen aantrok en ik de mijne uit.

Pas later viel me op hoe ze omhuld werd door een absolute stilte. Haar voetstappen waren geluidloos, haar ruime trainingspakken ruisten niet. Ik hoorde haar ademhaling niet, ze sprak nooit een woord. Alles aan haar was groot en log. Zelfs haar haren waren vol en reikten los tot voorbij haar billen.

Sinds de zomer ging ik wekelijks zwemmen. Het zwembad bevond zich op de eerste verdieping van een art-decogebouw. Een monumentale trap leidde je via een grote hal tot het zwembad. In die eerste hal stonden enkele palmen in grijze bloempotten en drie rijen klapstoeltjes. Bezoekers werden verplicht daar hun schoenen en sokken alvast uit te trekken, omdat de kleedkamers voorbij het zwembad gesitueerd lagen. Op de tweede etage bevonden zich de tribunes. Ik heb ze nooit gevuld geweten. Daglicht sijpelde binnen via de ramen boven de gaanderij. Als de zonnestralen schuin genoeg vielen, veranderde het water in vloeibaar licht.

Ik ging op een van de klapstoelen zitten om mijn sandalen los te gespen. Ik was niet gehaast en de omkleedhal was verder leeg. Toen zag ik haar voor de eerste keer. Ze zat op de trap die naar de ongebruikte tribunes leidde. Ze strekte sierlijk, bijna theatraal, haar benen – eerst de rechter en dan de linker – en liet haar voeten droogwrijven door een man. Hij zat geknield op de onderste trede en hield haar voeten dicht bij zijn gezicht. Hij miste geen druppel. Vervolgens hanteerde hij haar sneakers als glazen muiltjes en schoof ze voorzichtig om haar voeten. Ik hield mijn adem in.

Het viel me op dat ze geen sandalen droeg, ondanks de aanhoudende hitte. Bovendien droeg ze geen sokken in haar sportschoenen. De man en de vrouw wisselden geen woord. Het enige geluid dat ik opving, was afkomstig van de klittenbandsluitingen die de man herhaaldelijk strakker aanspande.

Het was een beeld dat zich nog vaak zou herhalen. Het had iets intiem, hoe die man haar voeten liefkoosde. Alsof ze zich voortbewogen in een vreemde atmosfeer – andere lucht ademden – afgesloten van alle andere bezoekers. Hen aanspreken zou onherroepelijk een balans verstoren.   

Ik weet nog dat ik die verschillende handelingen vreemd vond. Dat ik tijdens mijn crawlslagen de scène onophoudelijk bleef afspelen. Uiteindelijk bedacht ik dat ze zwanger was. Dat ze zich daarom zo gelaten liet pamperen.

Terwijl de dagen weer kortten, klonk de lokroep van het koppel almaar luider. De zon stond nu te laag om het zwembad nog op te lichten. Het water voelde elke week kouder aan. Ik hield me steeds strikter aan de klok. Haastte me om hen maar niet mis te lopen. Het koppel intrigeerde me. Elke keer zag ik de man minutieus haar voeten droogwrijven. Ik ontdekte al snel dat ze niet zwanger was. Ze was noch beperkt noch hulpbehoevend. Hun band was te intiem om louter zorgend te zijn.   

Er vielen me voortdurend meer details van hun relatie op tijdens de korte momenten dat ik hun kruiste. Ze communiceerden met korte hoofdknikjes en halfslachtige gebaren. Als ze al woorden wisselden, bereikten die me niet. Wanneer het druk was in de hal – mensen die het zwembad verlieten of net aankwamen – zag ik hoe ze werd overvallen door schroom. Ze probeerde hem de handdoek te ontfutselen of trok haar voeten weg. Ze deed dat subtiel. De man bleef echter onverstoord onder haar pogingen, waardoor haar weerstand snel verbrokkelde. Vervolgens onderging ze alles gelaten. Haar ogen gericht op haar voeten.

Zijn blik was dwingend en zijn neusvleugels vernauwden als hij haar aankeek. De man miste plukken haar. Het was geen beginnende kaalheid, maar eerder een afwijking. Graancirkels die me iets probeerden te vertellen.

Gaandeweg verzon ik trucjes om langer te dralen. Ik droeg moeilijke rijglaarzen, die een eeuwigheid duurden om te ontwarren. Ik deed alsof ik iets opzocht op mijn gsm. Eén keer veinsde ik een telefoongesprek. Het sluiten van de klittenbandstrips nam me compleet in de ban. Ik kon me niet gaan omkleden, zonder eerst het raspende geluid te horen. Ik vergat meermaals het aantal baantjes dat ik zwom. ’s Nachts droomde ik dat ik zorgvuldig haar voeten droogdepte.

Vanaf het moment dat de regen naar sneeuw begon te neigen, bedacht ik nieuwe plannen. Ik arriveerde vroeger. Week af van het schema, om zo te weten te komen wat zich afspeelde voorafgaand aan het voetenritueel.

Het was de eerste keer dat ik haar in badpak zag. Egaal marineblauw. Een model met lange pijpen tot aan de knieën. Enkel haar kuiten bleven onbedekt. De banden kruisten over haar brede rug en sneden in haar vlees. De aanblik vrijwaarde me van de laatste twijfel: ze was niet zwanger.

Ze stond lang onder de douche. Schrobde haar huid tot die gloeide. Haar shampoo geurde naar kamille. De man keek zwijgend en volledig gekleed toe. Verloor haar geen moment uit het oog. Zijn broekspijpen een kwartslag opgerold en rond zijn schoenen belachelijke, plastic beschermhoesjes. In zijn handen een opengevouwen handdoek.

Wanneer hij knikte, stapte ze onder de douche uit en liet toe dat hij de handdoek over haar schouders drapeerde. De kleur was uit haar lippen verdwenen. Hij was kleiner dan zij en moest op zijn tippen staan om aan haar haren te kunnen. Geoefend nam hij de lange lokken in zijn handen en wrong ze uit. Ik las de angst in haar ogen. Het water liet donkere plekken achter op haar handdoek.

Ze waggelde achter hem aan. Hij keek niet om. De hoesjes rond zijn schoenen ritselden bij elke stap. Het geluid van een slang in hoog gras. Hij hield de deur van het omkleedhokje voor haar open en glipte mee binnen. Het slot kraakte.

De laatste keer dat ik hen samen zag, lag er een dik pak sneeuw buiten. Kinderen holden door het naburige park met sledes achter zich aan. Ik heb mezelf lang mijn nalatigheid verweten. Ik had iets moeten zeggen. Desnoods de badmeesters aanspreken, maar ik deed niets. Keek slechts toe.

Ik hoorde haar al nog voor ik het zwembad voorbij was. Ik wist meteen dat het geluid haar toebehoorde: verschrikkelijk iel en breekbaar. De redders registreerden het niet. Zo broos klonk het. Zonder te lopen haastte ik me naar de douches en de kleedhokjes. Daar stonden ze, in een vertrouwde opstelling. Zij onder de douche en hij met de handdoek voor haar opengesperd.  Ze staarde de man aan vanonder de hete waterstraal en schudde bijna onmerkbaar haar hoofd in ontkenning. Ze huilde, maar haar tranen verdwenen meteen in het afvoerputje. Haar stem ging snikkend de hoogte in om vervolgens in duizend fragmenten te vergruizelen.

Hij knikte met zijn hoofd en tilde de handdoek iets hoger, maar zij zette haar benen iets wijder uiteen en schudde opnieuw – en deze keer krachtig – haar hoofd. Toen zag ze mij.

Langzaam, beducht op de blik van haar man, maakten we oogcontact. Een flits. Genoeg om de smeekbede in haar ogen te lezen. Ik verstarde, gooide mijn sporttas over mijn schouder en liep hen voorbij naar de kleedhokjes. Vanuit mijn ooghoek zag ik de glimlach over het gezicht van de man glijden.

Toen ik me omdraaide, mijn hand al rond de deurklink gesloten, was de vrouw vanonder de douche uitgestapt. De man wikkelde haar in de handdoek, duwde haar aan haar schouder voorover en boog zich over de natte haren. Als ik het niet had gehoord, was de fluim me misschien ontgaan, maar het gerochel van de man echode wansmakelijk door de gang. De fluim moet recht in haar pasgewassen haren beland zijn. Hij gunde haar geen tweede wasbeurt. Toen ze mijn richting uitkwamen verdween ik snel in mijn eigen hokje.     

Ik ging die dag naar huis zonder te zwemmen.

In mijn tuin braken de narcissen de wintergrond open. De lente was al een aantal dagen voelbaar in de wind. Ik dacht voorgoed de brui te hebben gegeven aan het zwemmen. Toch verraste de opwelling me niet die me naar mijn sporttas deed grijpen. Fluitend legde ik de weg doorheen het park af naar het zwembad, maakte een praatje met de baliemedewerkster en beklom de trap naar de eerste verdieping. Ik had enkele weken niet aan haar gedacht. Een gevoel van schuld overspoelde me ter plaatste. Ze zat op de trap naar de tweede etage. Alsof ze daar al die tijd op me gewacht had. Haar haren nat. Ik nam plaats op een klapstoeltje tegenover haar.

Hij was er niet, toch bleef ik op mijn hoede. Ik hield haar nauwgezet in de gaten. Ze wist dat ik naar haar keek. Haar voeten waren nog vochtig. Langzaam boog ze zich voorover en wurmde haar natte voeten in twee nagelnieuwe veterlaarsjes. Ze klungelde om ze geknoopt te krijgen. Haar vingers lieten de lusjes continu uit haar handen glippen. Ik glimlachte haar breed toe, knikte bemoedigend, waarop ze rood aanliep en verbeten verder knoeide.

 

 

Over de auteur

Nick De Weerdt (1989) woont met zijn echtgenoot en hun pleegzoontje in Antwerpen. Hij behaalde een Master Nederlands aan de Universiteit Antwerpen en werkt als leerkracht in het buitengewoon onderwijs.Na het behalen van zijn diploma Fotografie in avondonderwijs stortte hij zich terug op zijn eerste passie: schrijven.

Over de illustrator

Lies Schroeyen is een illustrator uit Hasselt. Ze maakt tekeningen waarbij sfeer en gevoel een grote rol spelen. Inspiratie haalt ze uit het dagelijkse leven, eigen ervaringen en poëzie. Wanneer ze niet aan het tekenen is, vult ze haar dagen met twijfelen en lesgeven op een kunstacademie.

Lees meer uit de categorie kort verhaal

De omgekeerde wereld: AAN EEN BLIK VOLDOEN

Door Esme van den Boom

In de omgekeerde wereld draaien we de zaken voor de verandering eens om. Nu eens niet eerst een tekst waar een illustrator een beeld bij maakt. In de omgekeerde wereld is er eerst de illustratie, daarna gaat de schrijver aan de slag om er een kort verhaal of gedicht bij te maken. In deze eerste […]

ontwerp: Artur Schmal Studio / ontwikkeling WordPress: Daniël Philipsen