kort verhaal

Zebra

Door Maaike Rijntjes | beeld: Ilse Knook
1 februari 2022

Gisteren stond het bord waarop in slordige, zwarte letters ‘DIT IS EEN ECHTE ZEBRA!’ is geschilderd, er nog niet. Dat weet Lora zeker. Ze weet ook zeker dat het zwart-wit gestreepte dier dat zij verderop ziet grazen, nieuw is.
   ‘Ze heet Alice,’ vertelt Gwen. Ze zit op het hek zoals meisjes die al hun hele leven op hekken zitten dat doen en schopt haar voeten met blauwe regenlaarzen heen en weer. Lora vindt Alice een stomme naam voor een zebra. Zij zou de zebra Zara noemen, of Zoë, of misschien Sebastiaan, wat je dan af kan korten naar Zeb. Zeb de Zebra.
   ‘Waarom staat erop het bord dat ze een echte zebra is?’
   ‘Omdat ze een echte zebra is.’ Gwen legt de woorden langzaam neer, alsof ze denkt dat Lora het anders niet begrijpt. Ze is twee jaar ouder dan Lora en daarom bepaalt zij wanneer ze tikkertje of verstoppertje spelen, wie dan weg moet rennen en wie zoekt. Lora vindt het niet erg om naar Gwen te luisteren, maar dat hoeft Gwen niet te weten. Volgens haar moeder groeien mensen te grote voeten voor hun schoenen als je ze te vaak gelijk geeft.
   ‘Als Alice een echte zebra is, zou er niet bijstaan dat ze een echte zebra is. Dan zou er gewoon een bordje met “zebra” staan.’
   ‘Dat is raar. Waarom zouden mijn ouders dat bordje neerzetten als Alice niet echt is?’
   ‘Zodat we denken dat ze echt is.’
   Gwen stompt tegen Lora’s bovenarm, hard genoeg dat het een beetje pijn doet, niet hard genoeg dat het gemeen is.
   ‘Nu spreek je jezelf tegen! Jij denkt dat de zebra niet echt is omdat dat op het bordje staat.’
   Lora staart peinzend naar Alice, die de meisjes negeert en rustig door graast. Ze moet toegeven dat de zebra veel op een echte zebra lijkt: ze heeft een zwart-wit strepenpatroon, een bolle zebrabuik en grote, donkere zebraogen.

Bij robots die op mensen lijken, zien mensen meteen dat het robots zijn omdat ze het gewend zijn om zoveel naar mensen te kijken

   ‘Je zou alleen op het bordje zetten dat de zebra echt is, als er een reden is om te denken dat de zebra niet echt is,’ probeert ze uit te leggen.
   ‘Maar die reden heb je toch niet?’
   ‘Nee, eerst niet, maar nu wel, omdat het op dat bordje staat, snap je?’
   Gwen schudt haar hoofd.
   ‘Natuurlijk snap ik dat niet. Alleen gekke mensen denken dat iets niet echt is omdat mensen zeggen dat het echt is. Zal ik aan mijn moeder vragen of Alice een speelgoedzebra is?’ Ze springt van het hek af. Lora denkt stiekem dat Gwen op een kat lijkt: waar ze ook van afspringt, ze landt altijd op twee voeten.  
   ‘Misschien is ze wel een robot,’ stelt Lora voor. Laatst liet haar moeder haar een video zien waarin een man vertelde dat het beter is om robots te bouwen die niet op mensen lijken. Bij robots die op mensen lijken, zien mensen meteen dat het robots zijn omdat ze het gewend zijn om zoveel naar mensen te kijken. Maar misschien dat mensen bij een zebrarobot niet kunnen zien dat het een robot is, net zoals ze zebra’s niet aan hun patroon kunnen herkennen.
   Gwen antwoordt niet, grijpt Lora’s arm en sleurt haar mee richting de boerderij. Onderweg botst Lora bijna tegen een man met een baard die hen boos nakijkt. Naast hem staat een jongetje in een gele regenjas.
   Bij de boerderij propt Gwen haar zwarte krullen in een slordige paardenstaart: dat betekent dat ze een plan heeft.
   
Lora vult een plastic emmer met warm water. Gwen komt even later haar huis uit met een spons en een fles wasmiddel.
   ‘Ik weet waarom we denken dat Alice niet een echte zebra is!’ zegt ze. ‘Omdat niemand verwacht dat er een zebra is op een kinderboerderij! En daarom moet mijn moeder iedereen ervan overtuigen dat het een échte zebra is. Eigenlijk staat er: “dit is een échte zebra.”’
   ‘Ja, precies… Alleen ik denk dat de zebra niet echt is, omdat het raar is dat hier plotseling een zebra is. Je moeder wil ons alleen laten denken dat ze echt is…’
   ‘Nee, jij zei dat je dacht dat de zebra niet echt is, omdat er op het bord staat dat de zebra echt is.’ Gwen kijkt boos. ‘Als je al mijn redenen waarom de zebra echt is, verandert in redenen waarom de zebra niet echt is, kan ik je nooit overtuigen.’
   Nu weet Lora niet meer wat ze moet antwoorden.

‘Zebra’s passen niet in de wasmachine, daarom gaan wij haar wassen,’ zegt Gwen

Terug bij het hek komen ze de man met de baard en het jongetje in de gele regenjas weer tegen. ‘Kijk, een echte zebra!’ roept het jongetje. Hij houdt twee vingers van de hand van de man vast. Die kijkt met samengeknepen ogen naar het houten bordje. Misschien begrijpt hij wel waarom mensen benadrukken dat iets echt is, denkt Lora.  
   Gwen zet de spullen op de grond en klimt in een soepele beweging over het hek heen. Lora geeft haar de emmer met twee handen aan zodat het warme water er niet uit klotst. Daarna zijn de spons en het wasmiddel aan de beurt.
   ‘Wat gaan jullie doen?’ vraagt het jongetje. Hij kijkt nu van Lora naar Gwen, zijn hoofd bedachtzaam opzij gebogen.
   ‘Zebra’s passen niet in de wasmachine, daarom gaan wij haar wassen,’ zegt Gwen. De ogen van het jongetje worden groot.
   Lora probeert over het hek te springen zoals Gwen dat deed, maar landt verkeerd en moet haar handen uitsteken om haar val te breken. De modder veegt ze af aan haar broek.
   Als ze opkijkt, kijkt de man haar recht aan. Ze glimlacht verontschuldigend. Hij fronst, Lora rent achter Gwen aan voor hij iets kan zeggen.

De zebra spitst haar oren als ze naderen. Splinters zonlicht drijven in haar ogen.
   ‘Hoi Alice!’ roept Gwen. Voor het eerst die ochtend kijkt Alice op van het grazen en toont interesse in de meisjes. Gwen giet een scheut wasmiddel in de emmer en beweegt haar hand door het water tot het sop begint te schuimen. Lora keert haar gezicht naar de zon. Ze knijpt haar ogen dicht, tot haar hele gezichtsveld van oranje naar dieprood kleurt.
   ‘Kom terug!’ hoort ze dan. Ze draait zich in de richting van de zware stem en ziet de man met de baard op hen aflopen. Het jongetje met de gele regenjas staat voor Gwen. Hij moet hen achterna zijn gerend.
   ‘Ik wil helpen zebra’s wassen!’
   ‘Je bent nog te klein om bij de zebrawasstraat te werken,’ zegt Gwen streng, een hand in haar zij, haar rug recht om zichzelf langer te maken. Van de spons in haar andere hand druipt schuimend sop in het gras. Het jongetje trekt zich niets van haar woorden aan. Hij rent met glinsterende ogen op Alice af.
   ‘Niet doen!’ roept Gwen.
   De man zet grotere stappen.
   ‘Stop,’ zegt hij. Het jongetje steekt zijn hand uit om Alice te aaien. In plaats daarvan zakt zijn volledige onderarm weg in de zebraflank.
   Lora’s mond zakt open. De spons valt in het gras.
   De man met de baard trekt het jongetje in een beweging weg. Een zachte ‘plop’ klinkt als zijn arm de zebra verlaat. Dan tilt de man hem op zijn schouders.
   ‘Jullie hebben niets gezien,’ zegt hij, zonder hen aan te kijken. Het jongetje lacht alsof ze inderdaad niets hebben gezien.
   Lora draait zich weg van Alice. Zowel de man met de baard als het jongetje in de gele regenjas zijn verdwenen.
   Gwen doet de spons terug in de emmer, haalt het elastiekje uit haar haar en schudt haar krullen los. Alice kauwt rustig door.

Over de auteur

Maaike Rijntjes (1997, die/hen/zij) doet de researchmaster sociale politieke filosofie in Nijmegen en is enthousiast redactielid bij Op Ruwe Planken. Zelf schrijft die vooral essayistische poëzie waarmee die op verschillende podia als ook tweemaal in de finale van Write Now belandde. Dit is diens eerste prozapublicatie.

Over de illustrator

Ilse Knook (1996) is een beeldend kunstenaar woonachtig in Zwolle. Ze werkt graag met pastelkleuren, eenvoudige vormen en potloodlijnen, waarmee ze plek geeft aan de dingen die haar aandacht grijpen. Daarnaast maakt ze objecten van keramiek om zich te kunnen omringen met dingen om te koesteren. Zie Ilses website en Ilses Instagram.

Lees meer uit de categorie kort verhaal

Eindelijk heb je een kamer voor jezelf

Door Joao Valente

Vertaald door Anne Lopes Michielsen Ik zit ongemakkelijk, maar ik durf niet te bewegen omdat ik je niet wakker wil maken. De zeurende pijn bedaart als ik mijn rug recht. Ik zit half op de rand van het bed en laat het matras helemaal voor jou. Nu je in een diepe slaap bent gevallen, kan […]

ontwerp: Artur Schmal Studio / ontwikkeling WordPress: Daniël Philipsen