Geen beweging – deel 5

Door
13 november 2018

Corinne Heyrman maakte wekelijks radio in de gevangenis in de Begijnenstraat in Antwerpen binnen het project Radio Begijnenstraat. Op basis van haar bezoeken schreef ze een feuilleton in zes delen. We publiceren hieronder deel vijf. 

Radio Begijnenstraat is een project van hell-er vzw i.s.m. het zorgteam van de gevangenis van Antwerpen en wordt artistiek gecoördineerd door Katrin Lohmann. De onderstaande tekst is de persoonlijke beleving van de auteur en niet noodzakelijk representatief voor de werkelijkheid. 
Luister hier naar Radio Begijnenstraat: http://www.hell-er.net/archief/

Een cipier draait een peertje in de lamp op de gang, een andere poetst de vloer en een derde, die normaal aan de balie zit, ruimt de dozen op die al maanden in de hoek van de gang staan. Het is alsof hen vanmorgen pas te binnen schoot dat we hoog bezoek langs krijgen. De gevangenen zijn onrustig. Het hoofd van de vleugel ook. Hij zegt dat we vandaag moeten inzetten op preventie, want als er iemand is waarop de gevangenen boos zijn, dan is het de minister van justitie. De minister komt in de groep van de radio en gaat in gesprek met de geïnterneerden. Psychologe Nina vraagt aan de drie cameramannen die met de minister zijn meegekomen om buiten te wachten. “Wanneer komt er verandering?” vraagt Guido. “We doen er alles aan om de geïnterneerden naar een betere omgeving te brengen,” zegt de minister. Wanneer hij weg is, zijn de meeste geïnterneerden tevreden. Guido niet. “Over drie generaties gaat het beter, maar daar hebben wij niets aan. Hij zegt niets anders dan op het nieuws,” zegt Guido. Jordy gaat gauw zijn moeder bellen. “We zijn toch erg rustig gebleven,” zegt Bart trots.

*

Michaël is verliefd. Hij grinnikt wanneer hij het zegt. De andere gevangenen vragen of ze haar kennen. Michaël verstopt zijn gezicht in zijn handen. “Ja,” roept hij op kinderlijke toon. “Is ze hier nu in de groep?”, “Werkt ze bij ons?”, “Maak je soms liedjes met haar?”, vragen de anderen. We zitten in een kring. Michaël zit ineengedoken op zijn stoel, zijn armen over zijn knieën, zijn hoofd onder zijn armen. “Ja, ja en ja!” roept hij uit.

*

Een vriendin vraagt of ik nooit bang ben. We zitten aan tafel, ze heeft gekookt. “Eigenlijk niet,” antwoord ik. “Maar ze hebben toch moorden gepleegd of verkrachtingen? Er zitten vast stalkers bij,” zegt ze. Ze slurpt een sliert spaghetti naar binnen. Ik leg een nieuwe plaat op. “Ze hebben het gedaan onder psychisch lijden,” zeg ik. “Dat maakt het juist nog enger,” antwoordt ze. Ik zeg dat ik er zo weinig mogelijk over probeer na te denken. “Mensen doen rare dingen,” zeg ik. “Dat is zo,” zegt ze.

Meneer, hoe komt de psycholoog op u over? 

Ik zie daar het nut niet van in. Want hij zegt telkens: Ja, ik begrijp u en ik ben dan wel de geestesgestoorde, maar hij begrijpt mij dan beter dan ik? Wie is er dan het zotste, hij of ik? 

Die vraag stellen we aan de expert. Beste meneer de expert, wie is er het zotst: meneer hier of zijn psycholoog?

Wij hebben even intern overlegd en meneer is als winnaar uit de bus gekomen.

*

“Ik ben ooit neergeschoten en ik veranderde in een paddenstoel,” zegt Simon, wanneer ik hem vraag naar de grootste metamorfose in zijn leven. “Dat was plezant. En daarna ben ik terug in een mens veranderd,” zegt hij. “Ik ben eens knock-out gegaan van drugs en toen veranderde ik in het metrostelsel. De mensen wandelden door mij heen. Daarna werd ik weer nuchter. En na het innemen van ketamine ben ik in een tuinstoel veranderd en dat was gezellig, er kwamen mooie vrouwen in mij zitten om te zonnen.”

*

In de gang met de zorgkantoren hoor ik geroep. Een psychiater zit op een stoel met zijn hoofd in een klein, vierkant luikje in de deur tegenover mijn bureau. Achter die deur bevindt zich de naaktcel. De psychiater praat op iemand in. “Rustig meneer,” zegt hij. “Zo kunnen we niet praten.” Als weerwoord krijgt hij alleen maar geroep. In de gevangenis wordt de naaktcel ook wel ‘het cachot’ genoemd, wat eigenlijk ook maar gewoon ‘gevangenis’ betekent. Het is de gevangenis in de gevangenis. Wanneer de gevangenen zich misdragen, worden ze erin gestopt. Uit voorzorg moeten ze er naakt in. Ze gaan er altijd hevig tekeer. Het is de straf bovenop de straf.

*

Ik zie in de gang met de pas aangekomen gevangenen Blessing in een cel zitten. Hij kijkt door het raampje en ziet mij ook. Met Blessing zat ik op de lagere school. Hij zat naast me in de klas en sprak alleen Engels. Ik hielp hem met de oefeningen. Hij ziet er vijftien jaar later nog precies hetzelfde uit, zijn bruine ogen die altijd vochtig zijn. Ik knik naar hem, hij draait zich om.

*

Ik werk al een jaar in de gevangenis wanneer ik op de muurschildering in de gang zie dat naast FREEDOM en het konijn een hangbrug geverfd is. Daarnaast een steile klif. Ik probeer de tekening te begrijpen: tussen vrijheid en de afgrond bungelt een onstabiele oversteek.

Lees meer van

Lumineus – Linde Leijh

Door Erik Ezrin

Veel cafés gebruiken hun wanden als expositieruimte voor (bevriende) kunstenaars. Interessante ontwikkeling eigenlijk: het betere café als hedendaagse galerie, met de kroegbaas als kunstkenner. Sommige cafés kopen werk aan om het te laten hangen, waardoor het een vast onderdeel wordt van het interieur. Café Cook, mijn favoriete plek om te eten en drinken in Amsterdam […]

Lees meer uit de categorie

Fucking Radiohead

Door

Mij is niets verteld, verdomme. Ik voel me een idioot. Ik heb ze de hand geschud en binnengelaten. Vijf man, lange jassen, kraag omhoog, allemaal een instrumentkoffer in de hand. De laatste die over de drempel stapte, viel op vanwege dat rare oog, maar er ging geen belletje rinkelen. Je gaat uit van een groep […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper