Interview Poëzie

De Nieuwe Lichting: Tessa van Rooijen

Door Tessa van Rooijen | beeld: Bo Yuan
13 oktober 2020

De Optimist vroeg de nieuwe lichting afgestudeerden van schrijfopleidingen in Nederland en Vlaanderen om hun eindwerk in te sturen. In DE NIEUWE LICHTING presenteren wij fragmenten uit dat werk en stellen wij de schrijvers van de toekomst voor. Tessa van Rooijen studeerde af aan de opleiding Creative Writing aan ArtEZ met de bundel Prooidier, een combinatie van gedichten en collages over vervreemding en lichamelijkheid. Hieronder lees je een kort interview met Tessa en kun je een aantal gedichten uit haar afstudeerwerk Prooidier lezen. 

Foto: Wouter le Duc


Hoe kwam je op het idee voor je afstudeerwerk?

Er was niet echt één moment waarop ik het idee bedacht. Ik heb soms nog steeds moeite met formuleren wat mijn afstudeerwerk nu precies is. De thema’s die erin samen komen kwamen al wel voor in veel werk wat ik hiervoor heb gemaakt. Vervreemding, verbinding met anderen, queer-zijn. Alleen de boosheid die in dit werk zit is nieuw. Ik denk dat ik eindelijk de woorden vond voor wat ik wilde zeggen. Het hielp me heel erg dat ik de poëzie van Adrienne Rich vond en van daaruit kon nadenken over hoe ik mijn eigen kijk op de wereld in mijn poëzie kon verwerken.
Ik weet dat ik vanaf het begin al een werk wilde maken over vervreemding. Ik had mijn gedachtes geordend als een driehoek in november, met het woord vervreemding als midden, en de drie punten waren lichamelijkheid, mens en natuur, en liminal spaces. Uiteindelijk verschoof het perspectief meer naar queer-zijn en feminisme, maar de kern – vervreemding – bleef hetzelfde.
In november moesten we voor het filosofie vak een essay schrijven, en tijdens het schrijven van mijn essay over queer representatie in de Nederlandse literatuur, vond ik een verhaal terug dat ik in groep 8 had geschreven over hoe ik mezelf zag als ik 35 zou zijn. In dat verhaal had ik een baan, een groot huis aan de rand van Amsterdam, een man en kinderen. Toen ik dat las voelde ik mezelf zo vervreemd van dat toekomstbeeld van mezelf, dat ik ook veel ging lezen over compulsive hetersosexuality en wat het eigenlijk betekent om op te groeien in een heteronormatieve samenleving, waar huisje boompje beestje een vast gegeven lijkt. Veel van dat onderzoek, en de boosheid, nam ik ook mee in het schrijven van mijn afstudeerwerk.

Wat is het beste schrijfadvies dat je hebt gekregen tijdens je opleiding? 
Ik denk niet dat het per sé schrijfadvies was wat het meeste impact op me heeft gehad. In het tweede jaar maken we op onze opleiding een oriëntatie, wat eigenlijk betekent dat je een jaar lang de ruimte krijg om aan een eigen project te werken. Mijn begeleider was Rebecca Wilson en aan het einde van haar beoordelingsmail stond: ‘Uit de bocht vliegen kan altijd nog.’ En dat advies gaf me rust om dingen op mijn eigen tempo uit te zoeken. Andere feedback die me erg is bijgebleven komt uit een hele lange beoordelingsmail van Martijn Brugman.De mail was gericht aan de hele klas en ergens middenin stond: ‘Voelen doe je overigens met je lichaam, niet met je hoofd.’ Ik denk dat dat voor mij een heel belangrijk inzicht was, en ervoor zorgde dat ik eindelijk begreep hoe ik lichamelijkheid in mijn teksten kon verwerken en dat mijn eigen vervreemding van mijn lichaam ook een impact had op de personages die ik beschreef. Die vervreemding ligt ook ten gronde aan wat later mijn afstudeerwerk werd.

Wat is je lievelingsboek of – schrijver en waarom?
Ik vind het heel moeilijk om één iemand, of één boek te kiezen. De poëzie van Adrienne Rich heeft me erg geholpen met het schrijven van mijn afstudeerwerk, naast mijn bed ligt een heel dik verzameld werk van haar. Daarnaast herlees ik graag de essays van Audre Lorde, ik heb het idee dat ik uit haar woorden bij iedere herlezing iets nieuws haal. Ik vind de boeken van Olga Tocarczuk magisch, de manier waarop ze gedachten met elkaar verbindt, en het hoofdpersonage uit Drive your plow through the bones of the dead is een van mijn meest favoriete personages ooit. Daarnaast lees ik graag het werk van Ali Smith. Ik zou graag een keer een dag in haar hoofd zitten, gewoon om mee te maken hoe zij de wereld ziet. Ik ben altijd heel erg onder de indruk van de ideeën die aan haar boeken ten grondslag liggen.

Wat zijn je ambities op schrijfgebied?
Ik sta heel erg open voor wat er op mijn pad gaat komen. Ik zou absoluut heel graag willen debuteren met een dichtbundel. Daarnaast ben ik ook heel enthousiast om veel te gaan maken binnen het collectief (Wildgewelf) dat ik met mijn ex-klasgenoten heb opgezet. Ik hoop dat we via het collectief met zijn allen projecten kunnen gaan doen, bijvoorbeeld het maken van exposities, zines en performances. Het lijkt me ook heel tof om in het buitenland residenties te kunnen doen, en nieuwe plekken te bezoeken terwijl ik iets aan het maken ben en uiteindelijk van mijn schrijven te kunnen leven. Dat is het soort vrijheid waar ik naar streef.


Het percentage vrouwen dat prominent aanwezig is in de
media is even groot als het percentage vrouwen dat
verkracht zal worden.

Het is moeilijk om ergens voor te gaan staan wanneer ik
’s nachts over straat moet. Ik trek een deken over mijn hoofd
om in de veiligheid van mijn eigen lichaam op zoek te gaan
naar hoe dat werkt, ergens voor gaan staan.

Witte mannen vind ik het allerengst. De ruimte die ze
innemen, de privileges waar ze zich in vast hebben gebeten.
Ik voel mijn handen klam worden, vervlecht mijn vingers met
mijn sleutelbos, de sleutelhanger van een Schotse hooglander,
zijn scherpe houten hoorns.

Ik wil deze bundel schrijven om naar het hoofd van
Thierry Baudet te smijten. Ik wil deze bundel schrijven om
op te dragen aan de lesbische circulaire samenleving waar
ik en mijn vrienden van dromen.
Als het moet zal ik het patriarchaat op mijn lichaam laten
tatoeëren en mijn eigen huid openscheuren om het te
laten stoppen.


big cat people

onvoorzichtig met ledematen en een schommelstoel
een spanwijdte verwijderd van de buitenwereld
tussen ons: gaas
dit is een stoplicht en ik moet op het knopje drukken
oversteken anders staan we allemaal stil
ik vergeet te brullen
kijk, dit is de wereld of ik nu vrouw ben of tijger
een man met een matje om mijn verhaal te vertellen
een pluche gezelschap in de binnenkant van een paaseitje
een van hen schudt de kaarten
de vrouw geeft water terug aan het meer
ze is groter dan alle sterren bij elkaar 
de leeuw op de hoogste steen willen zijn
vanuit mijn territorium toekijken hoe geliefden uit elkaar getrokken worden
zichzelf van binnenuit opeten totdat er niets meer over is
er is niks om te helen
digitale aanraking
als het niet in mijn habitat materialiseert is het niet echt

in de praline van een groot paasei
met een kappersschaar mijn teennagels knippen
mijn blauwe plekken in kaart brengen
het belang van kruipen over een plakkerige laminaten vloer
te ijsberen als een grote kat

op een dag wakker worden en toekijken hoe ik op de bank tiger king kijk
of een tarotlezing houd voor mijn knuffels aan de keukentafel
weer een andere versie ligt in de gang
haar buik in het laatste reepje zon
glazige ogen naar het plafond gericht
ze wacht


a nice girl doesn’t force her opinions on people

stil naast een aquarium op een literair evenement raak ik de amazoniet om mijn nek aan kijk om me heen en wacht

het maakt niet uit hoeveel wijde broeken ik over elkaar aantrek pas als ik mijn haar afknip en een regenboogvlag op mijn voorhoofd tatoeëer word ik herkend als een vieze pot

ik vis een goudvis uit het aquarium wikkel hen in een regenboogvlag en verdwijn door het gat in de muur

als ik hen in de rivier laat zakken wordt het beter zal hen zich voortplanten een deadline krijgen de goudvissen in de jansbeek in arnhem hebben nog tot maandag

                        of ik alsjeblieft stil wil zijn over lhbtqi+-rechten op kringverjaardagen

ik deel pakjes wicky uit aan het leger blonde nichtjes
door het dakraam van een playmobil villa kijkt een plastic goudvis in een plastic vissenkom me aan we weten allebei niet wat we hier doen als ik vertel dat ik toch naar de universiteit ga eraan denk een goudvis te nemen dat het goed gaat met mijn vriend


Mountain pose

we leren te staan als een berg
mijn vingers mijn voeten de rotsen
zweet het smeltwater
mijn hoofd te warm voor permafrost

dat het niet erg is te verstenen
de vorm die mensen aannemen
mijn lange ledematen de ruimte geven

 

Over de auteur

Tessa van Rooijen (1998) studeerde Creative Writing aan ArtEZ en vertelt verhalen in tekst, audio en beeld. Eerder verscheen haar werk in Op ruwe planken en in 2019 werd ze tweede bij de voorronde van Write Now! in Nijmegen. Haar afstudeerwerk, Prooidier, bestaat uit tekst en collages die samen vervreemding onderzoeken en wat het betekent om een lichaam te zijn dat 170 cm ruimte inneemt. Haar afstudeerwerk werd bekroond met de Nieuwe Types afstudeerprijs.

Over de illustrator

Bo yuan is een Illustrator uit Rotterdam met een specialisatie in digitale kunst. Via deze medium creëert hij werelden en karakters met een focus op kleur en atmosfeer. Naast commercieel werk houdt Bo zich bezig met persoonlijke projecten waarbij hij gevoelens omtovert tot beeld dat surreal maar ook herkenbaar is. Zie Bo's Instagrampagina.

Lees meer van

Poëzie: Tessa van Rooijen

Door Tessa van Rooijen

Ook met schubben had ik moeten leren leven mijn benen bungelen over de rand van het dekin een leefgebiedzwerfafvalgebiedmaken mijn tenen cirkels in het waterals vissen aan het oppervlakverderop drijft een meeuw of een pedaalemmerzak ik ben een afgesloten ecoductvissen knabbelen aan mijn tenenkunnen niet via mijn aderen het dek op stromen mijn handen trek […]

Lees meer uit de categorie Interview Poëzie

Blaastest

Door Meliza de Vries

Blaastest Tot mijn zesde kreeg ik kaarsjes op mijn taart daarna kochten mijn ouders een rookalarm sindsdien kan ik geen paardenbloemen blazen op school zei ik dat je de natuur zijn gang moest laten gaan zoals struisvogels in de kinderboerderij nooit hun kop in het zand staken voor gevaar mijn vader zei dat dat kwam […]

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper