weg
Door: Jam van der Aa
Beeld: Janna van Bergen
23 februari 2026
weg
dit is een gebruiksaanwijzing
voor wanneer je je lichaam niet meer hoort zingen
wroetende vingers in een grabbelton zonder cadeaus
sjorrend aan een rode lijn
jeuk aan weggedacht weefsel
vraag wat er is
het non-verbale wezen meldt alleen stram of inkoud
je moet weten waar de pijn zit om hem weg te kunnen strelen
dit is geen geruststelling maar gewoon
een feit
de dierlijke machine, zo geprogrammeerd
schenkt je bij gebrek aan weerstandsvermogen
maagbrand, huisvrouwenduimen, een zwanenhalsvinger klopt heet
op gezwollen gewrichten, in je lies, onstuimig gestommel onder je schedeldak
ook zonder vingertoppen
beurs weefsel, scheurende spieren, knappende botsplinters, merg dat ruikt naar gemalen orgaanvlees
had je maar, was je toch
daar
zit je vast aan je lijf
het prooidier – dat je bent – verlies je aan woekerend leven
de korst van uitgehard moeten
krab ik weg als een restje nagellak
daaronder een doffe glazuurlaag, een opgepoetst te strak zitten
(wat blinkt is verdacht) en barst
een pakje Wicky aardbei, het rietje is zoek, niets om te prikken
en ik wacht in deze houding, maar jij
zegt je moet alleen je kern willen zijn, je moet eruit halen wat erin zit
materiaal dat uitdroogt brokkelt makkelijk af
wat week
is kan overwinnen

onze voeten sluipen een groef rond de tafel, op de kop
een rode schotel aan het tafelblad gecementeerd als een oester
wie binnendringt wordt bedekt met glans
als ik nader het aroma van energiedrank en natte aarde
ben je vergeten dat geur bestaat uit tastbare elementen,
schilfers van jou die ik inhaleer door mijn neus?
aan de overkant weifel jij of er een spleet is, de kier
tussen het blad en de stolp is minstens één molecuul breed
een vesting met onzichtbare wakers voelbaar als statische lading
we gissen wachtwoorden jij zoekt op TicketSwap
we zingen hits reciteren teksten van series die we keer op keer bekeken
we slikken methylfenidaat draaien in cirkels we
moeten de key en ook de deur vinden
ik brute force en iftah ya simsim
we keren de tafel om, zeg jij
jij zegt hou vast dit
en zo word ik tafelpoten die tot kniehoogte in een lauwe branding staan te tollen
je waadt naar een scheer waar je een circustentdoek opschudt
de aarde springt als een rijpe zaaddoos open en lanceert lichtgevende ballen
kruip hier doorheen, kijk niet achterom
volg gewoon de flonkeringen
Over de auteur
Jam van der Aa studeerde af als beeldend kunstenaar, maar zocht een manier om de materialiteit te vermijden en ontdekte dat je met woorden de mooiste beelden bouwt. Ze schreef o.a. voor Mister Motley en Hard//hoofd.
Over de illustrator
Janna van Bergen (2002) is een illustrator uit Utrecht. Haar werk ontstaat vanuit intuïtie en ontvouwt zich in lijnen die balanceren tussen humor en gevoeligheid. Met een persoonlijk handschrift verkent ze metaforen en geeft ze vorm aan verhalen die raken.
Lees meer van Jam van der Aa
Afscheid
Door Jam van der Aa1 Eigenlijk moet ik mijn administratie doen. Overzicht krijgen. Orde op zaken stellen. Om in een actieve modus te komen en me even los te maken van alles wat er in mijn hoofd omgaat, banjer ik op zoek naar kleine klusjes door mijn nieuwe tuin. Er moeten eetbare planten komen en het moet – zoals […]
Lees meer uit de categorie poëzie
Vijf gedichten: Willemijn Kranendonk
Door Willemijn KranendonkZOMER IN DE STAD De ventilator blaast koele lucht over mijn naakte lichaam, langs mijn haar en nek, via mijn borsten en benen naar mijn voeten en terug. Er loopt een zwerver door Arnhem die ik dagelijks tegenkom. Op zijn broek zit een rode vlek. Op straat zag ik iemand met een bloedneus, het bloed […]