Interview

Interview: redacteur Marijn Hogenkamp

Door Nienke van Leverink | beeld: Martien Bos
10 december 2018

In het kader van 10 jaar De Optimist interviewden wij enkele van onze (oud-)redacteuren over wat De Optimist voor hen heeft betekend. Vandaag: hoofdredacteur Marijn Hogenkamp. In het dagelijks leven is zij redacteur bij Atlas Contact en heeft zij de roman ‘Probeer om te keren’ uitgegeven bij Cossee.

Ben je een optimist?
Ik zeg altijd wel voor de grap dat er twee soorten mensen zijn (die met het halfvolle en het halflege glas) en dat bij mij de vraag vooral is van wie ik dat glas heb geleend en wanneer het terug moet, maar eigenlijk ben ik best optimistisch gestemd. Om me heen zie ik geen ontlezing of gebrek aan ambitie, veel mensen zijn juist betrokken bij de wereld en bij de literatuur. Of het nu grote of kleine steentjes zijn die worden bijgedragen, ze zijn er. Dat geeft de burger toch moed?

Kun je je eerste publicatie nog herinneren?
Dit klinkt alsof ik stokoud ben, maar dat valt reuze mee. In elk geval: ja, al is het even zoeken welke werkelijk de eerste was. Ik schreef columns over reuma vanaf 2008 en die verschenen op de website van Youth-R-Well.com, het jongerenplatform voor reumapatiënten, en later in de bundels Poezenoren en #lolreuma.

Mijn winnende verhalen bij Write Now! verschenen daar op de website en na het winnen van de beide prijzen (Marijn was in 2011 de eerste prijswinnaar die zowel de jury- als de publieksprijs won bij Write Now!red.) benaderde De Optimist me. Of ik een verhaal wilde schrijven waar een vogelbekdier in voorkwam? Het resultaat, Slagroomscheet, is nog steeds te vinden.

Vanaf daar is de bal gaan rollen. Dat doet hij gelukkig nog steeds.

Wat heeft De Optimist voor jou betekend?
Een klein poosje na Slagroomscheet, we spreken inmiddels 2013, vroeg de redactie me opnieuw een kortverhaal te schrijven, ditmaal ter gelegenheid van hun vijfjarig bestaan. Grijpautomaat is nog steeds een van mijn eigen favoriete verhalen. In die periode was ik me aan het oriënteren, wilde me bij een literair initiatief aansluiten maar wist nog niet waar en wanneer.

Toen De Optimist een borrel gaf en ik er diverse redacteuren ontmoette, raakte ik geïnspireerd – wat een leuke club! Zodra ik de kans kreeg, meldde ik me aan. Zodoende raakte ik ook betrokken bij de totstandkoming van het Handboek voor een Optimistisch leven, dat in 2016 bij uitgeverij Atlas Contact verscheen, ik sta er zelf ook in. Inmiddels zit ik al jaren bij de redactie, ben ik stamoudste en heb de term Optibitch in het leven geroepen. Die behoeft geen uitleg.

Je bent nu, naast schrijver, ook redacteur Nederlandse fictie bij Atlas Contact. Hoe heeft De Optimist jouw weg naar die baan beïnvloed?
Om te beginnen heeft De Optimist het eerste contact gelegd. Nu ben ik sowieso nooit te beroerd geweest om mezelf bij borrels en feestjes uit te nodigen, maar gaandeweg – ik was afgestudeerd aan de Schrijversvakschool, schreef columns voor CLEEFT en Literair Nederland, had zitting in de jury van de Biesheuvelprijs en publiceerde mijn debuutroman Probeer om te keren bij Cossee – werd mijn netwerk en mijn redactie-ervaring groter.

Het begeleiden van een kortverhaal naar een online publicatie loopt uiteraard niet gelijk op met dat van een manuscript naar een fysiek boek, maar bepaalde vragen en kwesties komen overeen. Naast schrijven, leerde ik op de Schrijversvakschool om heel goed te lezen. Die spier won aan kracht bij De Optimist. Dus toen ik eenmaal bij Atlas Contact kwam praten, kon ik zeggen: ik heb dan wel geen studie Nederlands of Literatuurwetenschappen achter de rug, maar ik heb wel praktijkervaring.

Een wijs man, hij gaf tekenen op de middelbare school, vertelde eens dat kunstenaars in wezen egocentrisch zijn. Ik bekijk de wereld dan ook altijd eerst vanuit mijn schrijven en dan pas vanuit alle andere dingen die ik ook ben – redacteur, vrouw, vriendin, (stief)moeder, allerhande vreetzak, kattenliefhebber, Rammsteinfan. Op goede dagen zie ik dat als een plus 🙂

Hoe is de Optimist in de afgelopen jaren veranderd?
Ten eerste zijn we van een nogal brakke site naar het strakke platform gegaan dat nu online leeft. Ook hebben we onze wegen verbreed, we zijn samenwerkingsverbanden aangegaan met bijvoorbeeld Kunstbende, NK Poetry Slam en De Nieuwe Garde. Daarnaast richten we ons ook op de offline wereld met poëzines, ansichtkaarten en fysieke optredens. We stonden al op Lowlands, in De Nieuwe Liefde, organiseerden boekenruilborrels en zo gaat dat maar door.

Maar het online platform blijft onze hoofdmoot. Toen De Optimist in 2008 begon, onder leiding van Miriam van Ommeren, zag het online landschap er anders uit: serieuze literaire/culturele initiatieven als deze waren er nog niet, dus online publiceren was ook helemaal niet aantrekkelijk. Inmiddels is dat anders, ik ben een groot voorstander van online publicaties.

Waarom?
Omdat het heel handige digitale visitekaartjes zijn voor beginnende jonge schrijvers. Ik zie De Optimist graag als een van de eerste deuren die je als beginnend schrijver door kunt gaan, te meer omdat ik die route zelf bewandeld heb. Wat een mooi voorbeeld is, is De Nieuwe Lichting: jaarlijkse voorpublicaties van alumni van schrijfopleidingen uit Nederland en Vlaanderen.

We begeleiden je tekst en zoeken daarin het antwoord op vragen als: wat wil je precies vertellen en hoe doe je dat op de voor dit unieke verhaal juiste, schoonste manier? Je werkt zodoende onder meer aan je vindbaarheid en scherpt je pen.

Daarnaast is er bij ons vanaf oudsher veel aandacht voor beeld. Bij een nieuwe tekst zorgen we voor nieuw beeld, zo bieden we ook jonge illustratoren een podium. Ik realiseer me dat ik als een reclamepaal klink, maar ja, mag ik?

Wat hoop je dat De Optimist de komende jaren bereikt?
Die eerste deur moet openblijven. Verder hoop ik dat we op een dag een serieus verdienmodel kunnen opbouwen: op dit moment kunnen we onze schrijvers en illustratoren geen vergoeding bieden en dat steekt – hoewel de redactie ook uitsluitend uit vrijwilligers bestaat. Verder hanteer ik een more, now, again-principe: lekker voortgaan op deze weg en doen waar we goed in zijn: schrijvers en illustratoren op weg helpen.

En jij?
Momenteel ben ik aan het broeden. Letterlijk, want knalzwanger, maar ik broed natuurlijk ook op verhalen, een roman, andere ideeën. Ik ben een langzame denker en een langzame schrijver, verwacht van mij volgend jaar geen nieuw boek. Maar het komt zeker. En daarnaast heb ik een droombaan. Ik ben al met al een heel blije panda.

Marijns leestips:

(Nog) Meer Marijn op de Optimist:

Lees meer van

De Stilist – oproep

Door Nienke van Leverink

De Stilist De Optimist vindt dat het tijd is voor een funky vormonderzoek. In eclectische tijden waarin stijlen elkaar in hoog tempo opvolgen, vragen wij ons af welke stijl jouw voorkeur heeft. Belerend? Stoffig? Misschien. Maar wij zouden geen Optimisten zijn als we ons niet schatplichtig zouden voelen aan de stijlmeesters van weleer. Denk, dicht, schrijf, essayeer […]

Lees meer uit de categorie Interview

Portret: Martien Bos

Door Martien Bos

In het derde portret dat we presenteren om het verschijnen van Handboek voor een Optimistisch leven te vieren, stellen we een beeldmaker aan je voor: Martien Bos.

ontwerp: artur schmal studio / development: erik driessen media ontwerper